Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
r
»4 KLEINE VERTEL LINGEN.
zien, en hem dan berigt te brengen, hoe het met
het fchip ftond. Op eenmaal kwam de knecht
fidderende terug. „O mgn Heer!" riep hij,
„ wij zijn verloren! de matrozen vloeken aller-
„ ontzaggelijkst!" — „ God dank, dat zij vloe-
„ kenantwoordde de Heer, „ dan, hoop ik,
„ zal alles nog al wel gaan."
39. Een reiziger kwam in eene koopftad, waar
men vele fmulpartijen hield. Daar hij in die ftad
vele vrienden had, zoo ging hij bgkans dage-
lijks te gast. — Hij meldde aan een' zqner vrien-
den in zijn vaderland, hoe hij het in die ftad
had. In den brief, welken hq dien vriend des-
wege zond, fchreef hij: „ als ik hier nog lang
„ leef, zal ik fpoedig fterven."
40. Na een' langen en bloedigen oorlog , waar-
door vele menfchen arm, en velen weduwen en
weezen geworden waren, kwamen al degenen
op, die van den Vorst des lands geld te vorde-
ren hadden. Onder anderen meldden zich ook
de zangers en muzikanten zijner' hof - kapel bij
hem aan, om hunne achterftallige bezoldiugen
te verwerven: maar zij ontvingen yan den Vorst
ten antwoord: „ gij, die fpeelt en zingt, moet
„ wachten, tot dat zij, die weenen, afbetaald zqn."
41. In zeker gezelfchap verhaalde eens iemand
iets ongeloofelqks, dat hij zeide gezien te hebben.
„ Mgn Heeri" voegde hem hierop iemand uit
C het