Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
«rankheid. so3
^ om zulken lekkerbeks-kost te éten, zult gg
„ nooit gezond worden. Als gij leeren wilt,
f, om met één' fchotel groente, wat vleesch en
„ ooft, eu brood daarbij, tevreden te wezen,
„ dan zult gij ontwaar worden, of gq u niet
„ beter bevinden zult. De koflij en thee, die
M gij zoo gaarne drinkt, zijn voor u volftrekt
„ niet veel dienftiger dan vergift. Drink zuiver
„ en frisch water, dat zal u beter bekomen."
„ Mijn vader zou wel eens gelijk kunnen
„ hebben," dacht joost, en gaf zich alle
moeite, om de voorfchriften van zijnen vader
te volgen — en hij was wezenlijk, van dien
tijd af, veel gezonder.
L X X X V I I.
BREGTJE; o/, men moet zich niet vertroetelen»
Onder alle Hollandfche meisjes was het kleine
BREGTJE misfchien wel het flapfte en amech-
tigfte. Als het een weinig koud was, zou zij,
om al het goed der wereld, geen' voet buiten
het huis hebben gezet, als of zij dacht, dat
zij dan zou doodvriezen. Was het wat warm,
dan zeide zij: „ ach, men moet immers ver-
„ fmelten!" Als er buiten een koel windje
waaide, was dit bij haar een verfchrihkeliikc
wind.