Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
\spaarzaamheid, enz. lól
„ hem, en ieder zegt: waarom-arbeidt gij niet?
M De ganfche wereld veracht dien mensch."
M Gij kent ook den daglooner kristöffel :
„ die arbeidt nu. wel, maar toch niet gaarne.
y, Hij is fteeds traag en verdrietig, als'hij wer-
y, ken moet; en hij doet het niet, voor dat de
y, hoogfte nood hem dwingt. Zie intusfchen
y, ook eens, hoe ellendig het er bi] hem uit-
y, ziet. Dikwijls heeft hij geen enkel brokje
- „ brood in huis. Zijne arme kinderen kunnen
„ bpans hun genoegen niet eten, cn moeten
y, genoegzaam half naakt loopen. Daar is in den
„ winter geen warm foepje voor de arme kinde-
„ ren, geen bedje, waarop zij .flapen, geen rokje,
„ waarmeê zij zich bedekken kunnen, en geen
turfje, om zich daarbij ta warmen. Gij weet
„ wel, hoe goed het hun fmaakt, als ilwe moe-
„ der hun eens te eten geeft, en hoe hongerig
„ zij dan altijd z^n. Zie, dat alles komt van
„ zijne luiheid. Niemand verhuurt hem ook
n gaarne eene woonplaats, omdat hij de hnur-
■ „ penningen niet betalen kan. En als bij nu
„ ook fomwijlen uit nood arbeiden wil, wil
„ hem evenwel' niemand in zijn werk hebben,
„ die flechts een' anderen arbeider bekomen kan;
„ want alles, wat hij doet, doet hij langzaam ,
„ en volvoert het flecht."
L «Gij