Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
tss WAARACHTIGHEID , OPREGTHEID j
Tchouwde men eene kostbare doos van hoogé
waarde, welke de Minister eerst onlangs ten ge-
fchenke bekomen had. Een der gasten verzocht
die doos te mogen zien; en van dezen ontving
haar weder een ander. Dus ging de doos bij-
kans de ganfche tafel rond, en elk bewonderde
de fchoonheid van hare bewerking.
Na een vrij groot tqdsverloop, gedurende
hetwelk men reeds wederom van gansch andere
dingen gefproken had, vorderde de Minister z^-
ne doos terug. — Niemand had ze; — men
was onthutst — elk greep in zijn' zak, of hij
ze misfchien, in gedachten, daajin gedoken had;
maar niemand vond ze. Men zocht lang; men
werd al verlegener; maar alles was vriichteloos: —
de doos was nergens te vinden.
„ Dat is eene zonderlinge hiftorie," zeide een
der voornaam de gasten. ,, Nu, het zij dajrmede
„ zoo als het wil, ik wil mij ten minde regt-
„ vaardigen." Hij haalde, terwijl hij dit zeide,
zijne rolcs- en kamizoolszakken uit, en keerde
ze om. „ Ziet gij, mqne Heeren!" voegde hij
daarbij: „ ik heb de doos niet." Al de ande-
ren deden eveneens; niemand had de doos.
De beurt kwam aan onzen Luitenant. „ Mijne
y, Heeren!" zeide hij, „ ik verzeker u op mijn
„ woord van eer, dat ik de doos niet Iieb; maar ik
M wil mijne zakken evenwel niet omkeeren; het zou
„ ver-