Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
wreedheid. 79
XXXIII.
Dc yrijgelatenc zy/aluy/.
„ Moeder! ik heb iets — iets heel moois heb
„ ik inimijn' zak," riep de kleine hendrik;
en hij danste van vreugde daarover. „ Mag
„ men dan niet weten, wat gij hebt?" zeide
zijne moeder. « O ja, moeder! gij moogt het
„ wel weten! eene zwaluw heb ik, een aller-
„ liefst diertje. — Kristoffel van onzen buur-
man heeft het mij gefchonken; hij heeft het
„ op'zijn plein gevangen."
Moeder. Wel zoo, en toen heeft hg u
het vogeltje gegeven, opdat gij het zoudt be»
zien, en het dan wederom laten wegvliegen ?
Hsndrik. Neen, moeder! niet laten weg-
vliegen ; ik wil het houden! Ik heb nog eene
kooi, daar wil ik dat vogeltje inzetten, en
dan wil ik het brood en koek geven.
Moeder. Dat zal het niet ligt eten; want
deze vogeltjes leven van vliegen, muggen en
andere kleine diertjes. En al wildet gij het
die ook geven, het zal ze toch niet willen
eten — het zal treurig zijn, als het opgeflo-
ten wordt. En denk dan nog eens, lieve
Hendrik! misfchien heeft dat vogeltje jongen
in zijn nest — hoe zullen die naar hunne moe-
der,
•T