Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
goedheid, enz, $9
y, niet ver brengen.*' De beide mannen zagen el-
kander aan, toen zij dat knorren over een paar
touwen hoorden. „ Nuzeiden zij zachtjes tot
elkander, „ hier zullen wq niet veel opdoen.'*
Intusfchen gingen zij riaar binnen, en de landman
morde nog immer over den onachtzamen knecht.
Toen de landman nu de voordragt der mannen
gehoord had, verzocht hij hen, eenige oogenblik-
ken te wachten, ging naar eene kleine kast in den
wand, welke hif opende, en drukte aan een' der
twee een paar goudftukken in de hand. De man-
nen bedankten, en gingen lienen; maar hoe ver-
baasd ftonden zij, toen zij buiten kwamen, en
bevonden, dat het twee gouden dukaten waren.-
Ten hoogfte hadden zij op eenige ftukjes zilver-
geld gerekend. „ Gewis," zeiden zij, „ heeft
„ de man misgetast." Zij keerden wederom,
en gaven den landman te kennen, dat hij zich
fcheen vergist te hebben. De landman keek hen
aan, en antwoordde. „ Gij hebt gelijk, mijne
„ heeren! ik heb mij wezenlijk vergist. Ik was
„ knorrig op mijnen achteloozen knecht, die al
mijn goed bederven laat." Toen haalde hij hon-
derd guldens, en gaf ze aan de beide inzamelaars,
die hunne verwondering daarover niet verbergen
konden. „ Waarover verwondert gij u nu toch?"
vroeg de landman. Zij bekenden hem openhartig-
lijk, dat zij geene zoo rijke gift van hem vcr-
C 4 wacht