Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
174 VERKLARING VAN WOORDEN."
Vader. Kan ik vast weten, of neef komen zal ?
Karel. Neen, dat kunt gij niet wel.
Vader. Zekerlijk niet, want menigerlei hin-
dernisfen zouden hem terug kunnen houden. Hij
zou iets noodwendigs te doen kunnen hebben,
of hij zelf, zijne vrouw, of een zijner kinde-
ren zoude ziek kunnen geworden zijn. Der-
halve kan ik niet zeggen: „ het is vast, of het
„ is waar " zoo als gij het uitdrukt, dat neef
heden komen zal. Maar het fchqnt mij waar,
het is voor mij waarfchijnlijk, of ik heb meer re-
denen, om te denken, dat neef komen zal, dan
om het tegendeel te vermoeden. Hg heeft ons op
dezen tijd willen bezoeken. Gisteren was alles
nog gezond, zoo als hg mij fchreef. Onverhoed-
fche bezigheden van gewigt vallen niet ligt om
dezen tijd voor. Zeg mij dan, heb ik niet meer
redenen voor z{jn komen dan voor zijn wegblgven?
Karel. Ja, gij hebt meer redenen voor zgn
komen.
Vader. Nu, dat is juist zoo veel als, het is
waarfchijnlijk dat neef komen zal. Zeg mij nu
zelf eens, waarin datgene beftaat, wat men waar-
fchijnlijkheid noemt?
Twijfelachtig. — „ Maar wanneer wij vermoed-
„ den, dat neef heden ligtelijk een bezoek van
„ zijnen oudden zoon krggen kon, die hem reeds
„ voor lang heeft willen bezoeken, zoudt gij de
„ komst