Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
VBRRLARINO VAN WOORDEN. 23!
teekenis had. Men verftond daaronder meerma-
len al wat in de wereld is, en wat men met
de zinnen waarnemen kan: de zon, de maan,
de fterren, de aarde, en al, wat daartoe be-
hoort. Somtijds begreep men alleen de aarde
daaronder; zeer dikwijls bezigde men dat woord
tot aanduiding van al wat noodwendig tot een
ding behoort en vereischt wordt, om het juist
zoodanig een ding te doen zqn, als het is. De-
ze laatfte beteekenis helderde zqn vader voor
hem op. y, Gij weet," zeide hij, „ aarde is los,
y, valt ligt uiteen, en vloeit in het water weg.
„ Als nu een klomp aarde zoo vast en hard wierd,
„ als een fteen, zou het dan nog aarde zijn ? "
Karel. Neen, dan was het een fteen.
Vader. Zou het derhalve zijne natuur nog
hebben, of zou dezelve verloren wezen?
Karel. Zij zou verloren wezen, omdat aar-
de los zijn, en vaneen vallen moet.
Vader. Zie, hier hangt een fpiegel. Waarin
beftaat de natuur des fpiegels? Waartoe bezigt
men een' fpiegel?
Karel. Om zich daarin te bekijken.
Vader. Van achteren is de fpiegel met ze-
ker bekleedfel gedekt; en juist van daar komt
het, dat men zich in denzelven bekqken kan.
Wanneer ik er nu dat bekleedfel aHchaafde, dan
zoudt gij u niet meer daarin kunnen bekq-
ken. Zou het dan nog een fpiegel wezen?
P 4 Ka.