Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
verklaring van woorden. lóp
„ rigten. Zou ilc daarvan wel liebben mogen af-
„ zien ? — Niet ? — Nu ziet gij, dan ben ik ook
„ niet eigenzinnig geweest. Maar, zoo ik tijd
„ gehad had, om met u te fpelen, en ik intus-
„ fchen had willen kegelen, maar gij mij hadt
yy voorgefteld, dat gij nog te zwak daartoe waart,
„ en het kegelen u te zeer vermoeide; zeg, was
„ ik dan niet eigenzinnig geweest, wanneer ik
„ evenwel bij mijn befluit had willen blqven, en
„ geen acht op uwe redelijke voorfl:e!lingen had
„ gegeven? Merkt gij nu het onderfcheid wel?"
„ Als gij nu bij uwe befluiten en gedachten
„ volhardt, dewijl gij geene voldoende redenen
„ vindt, om daar van af te gaan, wilt gij dat
„ eigenzinnig noemen? En als gij, ondanks alle
„ redenen, om uwe befluiten en begrippen te
„ laten varen, daarbij volhardt, verdient dit den
„. naam van vastheid van geest? " Willem vroeg
nog verder, of Jiet wel goed was, dat een
mensch zich, door beden van anderen, ligtelqk
van zijne goede befluiten liet afbrengen ? Of men
anderen in alles toegeven moest? Hij zeide hem
ook, bij deze gelegenheid, dat halsfiarrighcid
niets anders was, dan eene flerke eigenzinnig-
heid, die zelfs bij hare onredelqklle befluiten
volhardt; offchoon zij zeer wel begrijpen kan, >
hoe dwaas dezelven zijn.
Èi-