Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
FABELEN. 8l
beer zelfs deed gaarne al wat zijnen goeden
vriend en nabuur aangenaam was.
Eenmaal hield de kluizenaar op een' heeten zo-
merfchen dag, onder zijne lommer^ zijn middag-
flaapje, waarin hem de vliegen verontrustten. De
beer verjoeg de vliegen meermalen ; maar eene vlieg
kwam telkens weder, en zette zich, nu eens op de
lip, dan eens op den neus, dan weêr op het voor-
hoofd van den kluizenaar. „ Wacht een weinig,
„ onbefchaamde! " fprak de vergramde beer; „ ik
„ zal u wel krijgen!" Hij haalde een' grooten
fteen, waarmede hij den kluizenaar op zgde
kroop, om op de vlieg te pasfen. Juist had zi|
zich regt voor op het voorhoofd van den kluize-
naar geplaatst, en kon hq haar gemakkelqk treifeü.
Uit al zijne magt wierp hij de vlieg dood; tnaar
hij verplette ook het hoofd van zqnen vriend.
Is het genoeg, dat men dienstvaardig zij, als
men het op geene verftandige en fchrandere wijzé
is? Kunnen onze vrienden ons ook benadeekn?
5. Z)c raaf.
Een raai ontvreemde hier en daar.
Zoo veel zij kon, juweelen, ringen.
En velerhande kostbre dingen.
Dit nam de fchrandre huisiiaan waar;
Hij fprak: „ ik bid u, zeg eens maat!
„ Wat u 't geftolen goed toch baat?"
Fa „Dat