Boekgegevens
Titel: Vijftigtal verhalen over het nut van de voortbrengselen der natuur: een leesboek voor de scholen
Auteur: Keyzer, J. de
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink en De Vries, 1852
J. de Vries en zoon
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 2761 G 13
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203150
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: landbouwwetenschappen: algemeen
Trefwoord: Landbouwproducten, Veeteelt, Dieren, Planten, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vijftigtal verhalen over het nut van de voortbrengselen der natuur: een leesboek voor de scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
49
XXXI.
DE EENDEN, GANZEN EN ZWANEN.
Vond AÄELU veel genoegen in de kippen, niet minder ver-
schaften haar dit dc cetiden; ecn vemiaaky waarin zelfs fer-
Di.^ANB deelde, die zieh anders moer hijzonder vut zijne dui-
ven bezig hield. Voornamelijk was dit echter het geval, toen
zij jongen kregen. Midden in den tuin was een groote vijver,
waarin do eenden zich onthielden; en toen deze nu met
jonge eendjes als bezaaid was, welke, zoo kaast zij uit het
ei kwamen, hunne moeder te water volgden en overal vlug cn
vrolijk nazwommen — kijk, dat was een vermaak, hetwelk
niet te beschrijven is,
» IVat kunnen die kleine diertjes al vlug zwemmenriep
ferdinans uit,
'»liet vermogen daartoe bragten zy mede ter wereld,** ant'
woordde de moeder, -»naardien de eenden, ganzen en zwanen
op het water moeten leven, waarom zij ook watervogels ge-
noemd worden. Ook hieruit zien wij, hoe God alles met
wijsheid vormde: want in het water :nocten zij haar voedsel
vinden."*^
»Maar welke dieren zouden nu het nuttigst voor den
mensch zijn, de kippen, of de eenden, ganzen en zwanen
"Vl'oeg fkedinasd.
Ieder is dit op zijne wijze kreeg hij ten antwoord,
n liet vleesch der kippen is gezonder cn smakelijker, dan dat
der eenden en ganzen, doch ook dit wordt gegeten. Dat der
zwanen wordt echter slechts tot spijs gebruikt, als zij jong
zijn. Doch de eijeren der eenden en ganzen maken mede een
goed voedsel uit. Even, als van de kippen, wordejt de vederen
der drie andere vogelsoorten tot schrijfpennen en ter vulling
van bedden enz. gebezigd. Maar bovendien gebruikt men de
vellen der eenden, ganzen en zwanen wel tot voeriitg voor
kleedingstukken. Zelfs maken die der laatste eene soort van
bontwerk uit. De zwanen worden nogtans over h^t algemeen
slechts om hare schoonheid, dus uit vermaak, gehouden; ma-
kende zij eene der fraaiste vogelsoorten uit, vooral, wanneer
zij in hare helderwitte vederen-dos zoo statig en trotsch
daarhenen zwemmen.*''
»Maar hoe fraai en nuttig al die vogels mogen wezen
FRREINVND, »houd toch het meest van mijne duiven,**