Boekgegevens
Titel: Het Fransch voor katholieke scholen: lezen, spreken, schrijven, van buiten leeren
Deel: II
Auteur: Werf, F. v.d.
Uitgave: Arnhem: Van Mastrigt en Verhoeven, 1895 *
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9427
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203001
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het Fransch voor katholieke scholen: lezen, spreken, schrijven, van buiten leeren
Vorige scan Volgende scanScanned page
Zeg ditzelfde in den ontkennenden vorm :
Je ne donne pas de tartine au mendiant.
Zeg ditzelfde nog eens op deze manier :
Je donne des tartines aux mendiants.
Tu donnes des tartines aux mendiantes.
En vervolgens in den ontkennenden vorm :
Je ne donne pas de tartines aux mendiants.
6. Je porte une lettre à ma mère. Charles a écrit
une lettre à son oncle. Marie donne une tartine à
la mendiante. Nous donnons du pain au chien. Jean
prête sa plume à sa cousine. Jean et Pierre portent
1 herbe aux lapins. La paysanne donne-t-elle des
cerises aux petites filles? Ces garçons ne prêtent
pas les billes à leurs camarades. Charlotte ne donne
pas d'aiguilles à sa petite soeur. Le chasseur donne
au chien un morceau de pain. Est-ce que la mère
parle aux cuisinières? Non, elle parle à la paysanne.
La paysanne a apporté du beurre, du lait et des
oeufs.
7. Willem spreekt met (à) Hendrik. Mathilde leent
een boek aan Grietje. Ik geef den hond brood.
(brood aan den hond.) Ik geef den hond een stuk
brood. Jan brengt een brief op (à) de post. Wij
geven den bedelaar een aalmoes, (een aalmoes aan
.....) De meester leent den leerling een boek. {een
boek aan . . . .) Marie heeft aan de nichtjes een brief
geschreven, [een brief aan . . . .) Wij geven geen
vleesch aan de konijnen : wij geven brood, gras en
aardappelen.
8-
entrer = binnentreden. Uatelier = de werkplaats,
par oti tcaar door. la gare = het station,
arriver = aankomen. Ie pavé - het plaveisel,
crier ^ schreewcen. Ie tiroir - de lade.