Boekgegevens
Titel: Het Fransch voor katholieke scholen: lezen, spreken, schrijven, van buiten leeren
Deel: II
Auteur: Werf, F. v.d.
Uitgave: Arnhem: Van Mastrigt en Verhoeven, 1895 *
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9427
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203001
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het Fransch voor katholieke scholen: lezen, spreken, schrijven, van buiten leeren
Vorige scan Volgende scanScanned page
37
un poisson. L'enfant n'a ni froid, ni faim, .ni soif.
Pourquoi cet élève a-t-il oublié d'apprendre sa leçon ?
Quels sont ses meilleurs amis? Mon beau porte-
plume est tombé derrière l'armoire. Pourquoi n' a-t-
on pas délivré le courageux missionnaire? N'avez-
vous jamais eu faim? Où a-t-on rencontré le roi
et la reine ? Les élèves ont les yeux dans les livres.
61. Breng deze oefening in 't meervoud.
le bonnet — de muts. Vépicier t- de kruidenier,
propre - zindelijk. Ie sud — het zuiden.
Le mendiant a eu faim. Le maître a été chez les
parents de l'élève. La malade est trop fatiguée pour
parler. Pourquoi était-il fâché contre moi? Cette
jolie broche étail-elle à elle? Ce cygne blanc n'est-il
pas à lui? La vieille femme avait un bonnet très
propre. Mardi j'étais dans la boutique de l'épicier.
Où étais-tu jeudi passé? Le prince a été à l'église
avec le comte et la comtesse. La première cigogne
est arrivée du sud. Quelle, est la principale ville de
notre patrie?
62. Vertaal in 't Fransch:
De leerlingen hadden de oogen in de boeken. Wij
waren bij onze neven en nichten geweest. Waren
zij van morgen in de mis? Ja, zij zaten (waren) in
de eerste banken. Ik had honger en dorst. Hadt
gij ook honger? Neen, maar (mais) ik was zeer
koud. Wie had gelijk? Gij hadt ongelijk. Had hij
den wandelstok zijns vaders gebroken? Had zij
weinig medelijden met het lot der ongelukkigen ?
Hadt gij geld genoeg bij u? Waren wij altijd ge-
hoorzaam aan onze meesters? De man was on-
schuldig aan den moord. Welke zijn de voornaamste
steden van ons land? Was de meester ook bij uwe