Boekgegevens
Titel: Het Fransch voor katholieke scholen: lezen, spreken, schrijven, van buiten leeren
Deel: II
Auteur: Werf, F. v.d.
Uitgave: Arnhem: Van Mastrigt en Verhoeven, 1895 *
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9427
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203001
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het Fransch voor katholieke scholen: lezen, spreken, schrijven, van buiten leeren
Vorige scan Volgende scanScanned page
21
De quoi Dieu a-t-il formé le corps de l'homme [du
limon de la terre).
Pour qui Jésus-Christ est-il mort? {pour le salut de
tous les hommes).
A qui le sacrifice de la messe est-il offert? (à Dieu
seul).
Pourquoi appelons-nous Dieu notre Père ? {parce que
nous sommes ses enfants).
De quoi se compose le rosaire ? {d'une croix, de gros
grains et de petits grains.)
A qui adressons-nous nos prières ? (à Dieu lui-même).
Doe deze vragen ook eens met „Est-ce que."
37. Dit huis is hoog. Deze peren zijn zeer rijp. Deze
stad is groot. Die kersen zijn zoet. Is dit boek nut-
tig? Deze oude vrouw is goed. Bemint die man zijne
kinderen? Deze brief is voor dezen horlogemaker.
Heeft die jongen zijn' vlieger verloren ? Is dat schaap
van u? Deze pijpen zijn van hem. Wie heeft die
hoomen verkocht ? Wie heeft dezen brief geschreven ?
Van wien hebt gij die abrikozen gekregen ? Waarom
eet gij die peren niet ? Deze sigaren zijn goed droog.
Deze tafels zijn vierkant. De lucifers zijn rood. Deze
wün is wit.
38. Vul eens in met de bezitt. voornaamw. van
de drie personen enkelvoud en meervoud.
— chien est dans — jardin. — couteau est dans —
poche. — jardin est derrière — maison. — livre est
sur — table. — soeur est avec — tante. — amie
est avec — o^cle.
Vul in met de aanw. voornw. : ce. cette, cet. ces.
— père est bon ; — mère est bonne. — lapin
n'est pas blanc, mais gris. — église est-elle haute