Boekgegevens
Titel: Premier vocabulaire, hollandais et français, pour l'enfance. Suivi d'une journée de trois enfants, ou Petites conversations à la portée de la première enfance = Fransch en Nederduitsch woordenboekje, voor eerstbeginnenden; gevolgd door een dagverhaal van drie kinderen, of gesprekken, geschikt naar de vatbaarheid van zeer jonge kinderen
Auteur: Meerten, A.B. van
Uitgave: Utrecht: L.E. Bosch en zoon, 1868
12me éd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7884
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202947
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Frans, Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Premier vocabulaire, hollandais et français, pour l'enfance. Suivi d'une journée de trois enfants, ou Petites conversations à la portée de la première enfance = Fransch en Nederduitsch woordenboekje, voor eerstbeginnenden; gevolgd door een dagverhaal van drie kinderen, of gesprekken, geschikt naar de vatbaarheid van zeer jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
Een bed maken.
Eene kachel potlooden.
In eenen spiegel zien.
Eene scliilderij ophangen.
Een uurwerk opwinden.
Eene stoof nemen.
Eene gordijn ophalen.
Eene lamp aansteken.
Eenen kandelaar brengen.
Eene kaars snuiten.
Eenen snuiter halen.
Eene lade inschuiven.
Faire un lit.
Lustrer un poêle.
Regarder dans un miroir.
Suspendre un tableau.
Monter une horloge.
Prendre une chaufferette.
Relever un rideau.
Allumer une lampe.
Apporter un chandelier.
Moucher mie chandelle.
Chercher des mouchettes.
Faire entrer un tiroir.
Xel/sitmdige
naamwooTden.
•3. L E S.
Nomi substHQtifB. Werkwoorden.
Verbe».
Een naaikistje, une i<w'<e(ipe/o/e.omverwerpeu. renverser.
Een borduur- un métier à opspannen. tendre.
raam. broder.
Eene tanibou- un crochet. breken. casser.
reernaald.
un moule.
Een knoop-
pennetje.
Een knoop-
naaldje.
Eene schaar.
Een naalden-
koker, ,
une navette.
breken.
knoopen.
verliezen.
faire du filet,
perdre.
des ciseaux, knippen,
un aiguillier, oprapen.
couper,
ramasser.