Boekgegevens
Titel: Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Auteur: Murray, Lindley; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Zalt-Bommel: Joh. Noman en zoon, 1860
7e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6734
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202891
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Vorige scan Volgende scanScanned page
72. ENGELSCHE
gedaan; dat heeft zij ons betvezen 7. Maar wat denkt gij van
deze schelmen 8? Zij zijn, zij waren en zij zollcn altijd zijn
hoosaardig 9, wreed 10, onverbiddelijk 11, hardnekkig 12,
bloeddorstig 13 en verraderlijk 14. Houd op 15; gij zegt te
veel. Die koopman is vermogend 16 en zedig 17: maar deze
is arm en trotscb. Zij zijn van gelijke jaren 18.
7 proved. 11 inexorable. 15 stop.
8 rogue. 12 obstinate. 16 opulent.
9 malicious. 13 blood-thirsty. 17 modest.
10 cruel. 14 treacherous. 18 the same age.
54.
Zonden zij oordeelkundig 1 zijn ? Zollen wij altijd onvolmaakt 2
zijn? Zou hij gematigd 3 zijn? Wie moet al die vragen be-
antwoorden 4? Gij, mijn Vriend! en niemand anders 5. Zij
zal niet leelijk 6 maar schoon 7 zijn. Waren uwe vrienden
zoo ongerust 8, toen gij te huis kwaamt? Hij is niet zoo
scherpzinnig 9 als gij denkt; gij kent hem niet. Was uw on-
derwijzer niet altijd stipten streng? Waren êieze verhalen\\
niet wijdloopig 12? Neen, zij waren beknopt 13. Waren
uwe hleederen niet oiiderwetsch 14 ? Neen , zij waren naar de
mode gemaakt 15: wist gij dat niet?
1 judicious. 7 beautiful. 12 prolix.
2 imperfect. 8 uneasy. 13 succinct.
3 moderate. 9 ingenious. 14 old fashioned.
4 answer. 10 punctual. 15 made according to
5 else. 11 tale, account. the fashion.
6 ugly.
55.
Uwe vrienden en goede kennissen 1 zijn niet onpartijdig 2,
maar eenzijdig 3; hiervan ben is volkomen overtuigd 4. Dit
ongeluk zou onvermijdelijk 5 zijn, indien zij onvoorzigtig wa-
ren. Deze jonge lieden zijn, waren en zullen tX^x^ kitiderachtig ^^
dwaas 7, veranderlijk 8 en beschroomd 9. Zouden wij niet
verheugd zijn over hunne aankomst 10? Is uw broeder niet
misnoegd geweest over zulk ee«e lage 11 handelwijs 12? Geef
1 acquaintance. 5 inevitable.' 9 timorous.
2 impartial. 6 childish. ' 10 arrival.
3 partial. 7 foolish. 11 base, low.
4 convinced. 8 changeable. 12 doings.