Boekgegevens
Titel: Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Auteur: Murray, Lindley; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Zalt-Bommel: Joh. Noman en zoon, 1860
7e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6734
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202891
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
ENGELSCHE
3°. Het onbepaalde lidwoord a blijft vóór hundred^ thousand,
million onveranderd staan, al volgt er ook een meervoudig zelf-
standig naamwoord op, als: a hundred years, honderd jaren; a
thousand persons, duizend menschen , enz.
4°. De of hei eerste en de of het laatste, betrekking hebbende
op een voorafgaand gezegde, zoo wordt het eerste vertaald door
the former cn het laatste door the latter, b. v.; John and Wil-
liam bore away the prizes; the former got a map , the latter a
fine book ^ Jan en Willem kregen de prijzen; de eerste kreeg eene
landkaart, de laatste een fraai boek. •
5°, Ééns of eenmaal wordt vertaald door once; tweemaal door
twice (b. v.: twice a week, tweemaal in de week), ook soms door
two times (b. v.: tioo or three times, twee- of driemaal); drie-
maal door thrice, dat weinig meer in gebruik is en door three
times vervangen wordt; viermaal, Hoov four times; enz., telkens
times achter het telwoord te voegen.
Opstellen over de Getallen,
22.
Tweemaal twee is 1 vier. Tweemaal drie is zes. Driemaal drie
is negen. Driemaal vier is twaalf. Viermaal vier is zestien.
Viermaal vijf is twintig. Vijfmaal vijf is vijf en twintig. Zes»
maal zeven is twee en veertig. Negen maul negen is een ca
tachtig. Tienmaal elf is honderd cn tien.
1 are.
23.
De eerste menscli was Adam. Wij leven 1 in de negenlicnde
eeuw 2. Breng 3 mij 4 een dozijn 5 abrikozen 6, ee« half
dozij^i 7 liruimenZ en vijf en twintig 7ioten 9. Wat heeft
uw broeder gevraagd 11 ? Drie dozijn versehe eiferen 12.
Dat is te veel voor 13 vier meuschen. Gij hebt gelijk 14, mija
vriend! Haal 15 ons, ondertusschen 16, eeltige 17 fles-
sehen 18 rooden wtjfi 19 cn vier rian 20 papier.
1 live. .
2 century.
3 bring.
4 me.
5 dozen of.
0 apricot.
7 half a dozen.
. 8 plum.
9 walnut.
10 has.
11 asked.
12 new laid egg.
13 too much for.
14 you are right.
15 go and fetch.
IG iu the meanwhile.
17 some.
18 bottles of.
12 red wine.
20 ream of.