Boekgegevens
Titel: Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Auteur: Murray, Lindley; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Zalt-Bommel: Joh. Noman en zoon, 1860
7e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6734
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202891
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Vorige scan Volgende scanScanned page
SPRAAKKUNST.
233
en dat bij meer roem inoogstte 21 van lietgene bij geleien en
geschreven , dan van al de rijken , die bij overwonnen bad.
21 to reap glory.
209.
Men ziet somtijds lieden in zeer ongelukkige omstandigheden-
die zeer schoone 1 gevoelens bebben. Er zijn menscben , die ver-
stand schijnen 2 te bebben , de eerste maal als men ben ziet; bij
bet tweede hezoek 3 treht men er debclflfl/4, en bij bel derde
gelooven vij, dat zij niets bebben. Iemand vraagde eens aan
Calo, waarom men bem geen standbeeld 5 bad opgerigt 6,
daar bij zicb zoo verdienstelijk bad gemaakt bij de Republiek ?
y> Ik beb liever,'* antwoordde bij : » dat men mij dit vraagt dan
dat men onderzocht, waarom men er mij een opgerigt bad." —
Philippus, koning van Macedoiiie 7, schreef aan Aristoteles 8
den volgenden brief: »Ik geef u berigt 9, dat mij ee7t zoo7i
gebore7i is 10; ik dank de goden, niet zoo zeer voor zijne ge-
boorte, maar omdat zij mij bem geven in den lijd, waarin Aris-
toteles leeft." — Alexander beminde niet minder Aristoteles dan
zijn' vader, »want," zeide bij: »de eene beeft mij 't leven
gegeven , en de andere beeft mij de kunst geleerd om wèl le
leven." Dezelfde hoogmoed , die ons de misslagen doet be-
rispe7i 11, waarvan wij gelooven vrij te zijn, doet ons de goede
hoedanigheden veroordeéle7i 12 , die wij niet bezillen. Het
vermoge7i 13 elhaiider onze gedachten mede te deele7i 14,
is altijd aangezie7i 15 als 't grootste voorregt der rede, en als
datgene, wat den menfch verheft 16 boven de dieren.
12 to condemn.
13 faculty.
14 to interchange.
15 to consider.
16 to raise.
1 noble. 7 Macedon.
2 to seem. 8 Aristotle.
3 visit. 9 notice.
4 to substract. 10 that 1 have a son
5 statue. born.
6 to erect, II to blame.
K®. 210.
De romeinscbe adel 1 verweet aan Marius zijne lage 2 ge-
boorte 3. »'lis waar," zeide bij: »ik kan geene standbeelden
van mijne vooronders aantooncn , noch bunne zegeprale7i 4 op-
noemen ; maar ik kan belooningen laten zien , waarmede men
1 nobility. 3 extraction. 4 triumph.
2 low.