Boekgegevens
Titel: Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Auteur: Murray, Lindley; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Zalt-Bommel: Joh. Noman en zoon, 1860
7e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6734
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202891
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Vorige scan Volgende scanScanned page
SPRAAKKUNST. 5
DERDE HOOFDDEEL.
1. Over de zelfstandige naamwoorden in 7 algemeen.
De zelfstandige naamwoorden zijn: eigen (proper), of gemeen
{common).
De eigennamen daiden afzonderlijke personen of zaken aan; het
zijn de namen van menscben, steden of dorpen, rivieren , zeeën,
enz., als: William, Willem; Flushing, Vlissingen; the Thames *),
de Teems; the Baltic, de Oostzee.
De gemeene of algemeene zelfstandige naamwoorden duiden per-
sonen of zaken aan, waarvan men vele van dezelfde soort heeft, als:
house, huis; laker, bakker; hing^ koning.
Bij de zelfstandige naamwoorden moet men acht geven op 't ge-
slacht {gender), 't getal (number) en de naamvallen (cases).
2. Over de geslachten.
Het geslacht is een onderscheid tasschen de naamwoorden, met
betrekking tot de sekse. Er zijn drie geslachten: 't mannelijke (mas^
culine), 't vrouwelijke (feminine) en 't onzijdige (neuter).
Van 't mannelijk geslacht zijn alle namen van schepselen, die de
mannelijke sekse aanduiden, als: a man, een man; a hull, een stier;
a stallion, een hengst.
Van 't vrouwelijk geslacht zijn znlke, die de vrouwelijke sekse
aanduiden, als: a woman, eene vrouw; a queen, eene koningin; a
hen, eene hen,
't Onzijdig geslacht duidt voorwerpen aan , die noch mannelijk,
noch vrouwelijk zijn: — hiertoe behooren dan de levenlooze voor-
werpen, als: table, tafel; coach, koets. — De vier volgende woor-
den echter the sun, de zon; the moon, de jnaan; the church, de
kerk; the ship, het schip; kunnen, het eerste ook als maonelijk,
en de drie overige als vrouwelijk gebruikt worden. Men zegt daarom
ook van de zon sprekende he of it, en van de drie andere she of tV.
In 't Engelseh heeft men drie wijzen, om 't geslacht aan te
duiden, als: A. door verschillende woorden; B. door V verschil in
den uitgang; C. door een tweede zelfstandig naamwoord, of een
♦) In dit woord, nh'm Anthony, Chattam, Thomas, thyme,
wordt th als t uitgesproken.

/