Boekgegevens
Titel: Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Auteur: Murray, Lindley; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Zalt-Bommel: Joh. Noman en zoon, 1860
7e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6734
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202891
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Vorige scan Volgende scanScanned page
SPRAAKKUNST,
3
We may or can dress ourselves, "Wij mogen of kannen ons aan-
kleeden.
You may or can dress yourself Gij moogt of kont n aankleeden.
{yourselves),
They may or can dress themselves, Zjj mogen of kunnen zich aanklee-
Imperfect tense.
den.
Onvolmaakt verleden tijd.
I might, etc. dress myself.
Thou mightst dress thyself,
Jle might dress himself.
We might dress ourselves.
You might dress yourself {your- Gij mogt u aankleeden.
selves) ,
They might dress themselves.
Ik mogt, enz. mij aankleeden.
Gij mogt u aankleeden.
Hij mogt zich aankleeden.
Wij mogten ons aankleeden.
Perfect tense.
Zij mogten zich aankleeden.
Volmaakt verleden tijd.
I may or can have dressed myself, Ik mag of kan mij aangekleed
hebben.
Thou mayst or canst have dressed Gij moogt of kunt n aangekleed
thyself.
hebben.
B.e may or can have dressed Hij mag of kan zich aangekleed
himself.
hebben.
We may or can have dressed Wij mogen of kunnen ons aange-
ourselves,
kleed hebben.
You may or can have dressed Gij moogt of knnt u aangekleed
yourself {yourselves),
hebben.
2'hey may or can have dressed • Zij mogen of kunnen zich aan ge-
themselves, kleed hebben.
Pluperfect tense.
Meer dan volm. verleden tijd.
I might, etc. have dressed myself, Ik mogt, enz. mij aangekleed
hebben.
Thou mightst have dressed thy- Gij mogt u aangekleed hebben.
self,
He might have dressed himself, Hij mogt zich aangekleed hebben.
We might have dressed ourselves, Wij mogten ons aangekleed hebben.
You might have dressed yourself Gij mogt u aangekleed hebben.
{yourselves),
They might have dressed them' Zij mogten zich aangekleed heb-
ben.
selves,
Infinitive mood.
Present tense.
To dress one's self.
Perfect tense,
To have dressed one's self.
Onbepaalde wijs.
Tegenwoordige tijd.
Zich aankleeden.
Volmaakt verleden tijd.
Zich aangekleed hebben.