Boekgegevens
Titel: L. Mulder's Aardrijkskunde van Nederland
Auteur: Mulder, Lodewijk; Magnin, B.J.J.
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. & G.H. Meijer, 1876
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6711
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202890
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederland, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   L. Mulder's Aardrijkskunde van Nederland
Vorige scan Volgende scanScanned page
BESCllttIJVING DER NEDERLANDEN.
alleen wal het élémentair onderwijs betrert: lezen, schrijven en rekenen,
maar ook alle vakken, vereischt om tot den cursus Ie 's-Hertogen-
bosch of Maastricht te worden toegelaten, worden er onderwezen.
Ook bij de Marine laat de Regeering in het onderwijs van den
ondergeschikte voorzien.
Het Armwezen is mede een onderwerp van aanhoudende zorg der
Regeering en wordt door de wet geregeld. (Zie Art. 195 G. W.)
LANDBOUW, HANDEL EN NIJVERHEID.
Reeds zagen wij dat een groot deel van Nederland nog woest ligt,
als bestaande uil kwelders, stranden, duinen, zandverstuivingen, heidevelden
en onvergraven hoogveen. Ofschoon woest, hebben die gronden toch hun
groot nut en worden de kwelders gebruikt als weide voor eene menigte
vee; op onderscheidene plaatsen in de duinen verbouwt men aardappe-
len, vele heiden worden bezocht door den herder met zijne schapen,
terwijl de bijen er ruimschoots voedsel vinden, en men de hooge veeuen
door bewerking of veenbranden tracht te ontginnen.
De landbouw is op de kleistreken 'l meest ontwikkeld en aldaar worden
dan ook tarwe, haver, gerst, koolzaad, boonen, erwten, aardappelen,
beetwortelen, cichorei, vlas en meekrap verbouwd. Hel draineerstelsel heeft
voordeelig gewerkt. De landbouwende stand verkeert in Friesland, Groningen,
een groot deel van Noordholland en Zeeland in zeer welvarenden toestand.
Op de zandgronden verbo.uwl men meest rogge, boekweit, spurrie,
knolgewassen en aardappelen.
Wal den tarwebouw betreft, Gelderland, Zuidholland en Zeeland
leveren de helft van den geheelen oogst, terwijl Groningen alleen voor
een derde in den haveroogst voor Nederland voorziet.
De Boomgaarden treft men vooral aan inde Retuwe, N.- en Z.-holland,
Zeeland en Limburg. Boomkweekerijen bij Utrecht, Aalsmeer, Boskoop en
Oudenbosch. Bloemisterijen bij Haarlem, Bloemendaal, Rozendaal en Prin-
senhage. Het Weslland is algemeen bekend als eene Tuinbouwstreek. De
Tabaksteelt wordt vooral uitgeoefend in de omstreken van Wageningen,
Rhenen, Nijkerk en Amersfoort.
Uit het delfstoffenrijk levert Nederland turf, steenkolen (bij Heerlen
en Kerkrade, in Limburg), klei en leem voor de steen-en pannenbakke-
rijen (vooral langs den Ouden en Vaarlschen Rijn, IJssel, Rijn, Lek
en Waal). Ook voor bemesting (b. v. in 't zoogenoemde Lage land van
8