Boekgegevens
Titel: De kleine rekenaar: rekenboekje voor de lagere scholen
Deel: 7e stukje. A.
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5265
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202802
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine rekenaar: rekenboekje voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
§
1. Een rentenier leent aan een koopman ƒ800 tegen
3 perc. 'sjaars. Hoeveel rente ontvangt hij , als het
jaar om is?
2. Iemand heeft ƒ 1200 uitgeleend a 4 percent. Hoe-
veel rente of intrest trekt hij daarvoor in het jaar?
3. Hoeveel intrest brengt een kapitaal van ƒ25000
op, als het tegen 3,5 percent is uitgezet ?
4. Een winkelier leent van een geldschieter /lOOO
a 2y2 percent. Hoeveel moet hij na een jaar aan kapi-
taal en intrest teruggeven ?
5. Een rentenier heeft twee kapitalen uitstaan ; het
eene, groot ƒ18000 tegen 2'/j percent en het andere,
groot ƒ25000 tegen 3'/! percent. Hoeveel rente trekt
hij jaarlijks?
O. Hoeveel is de jaarlijksche intrest van ƒ25000
tegen 3% perc. ?
ï. Bereken den jaarlijkschen intrest der volgende
kapitalen :
ƒ 7500 tegen 3 %
ƒ 9400 2'/,%
ƒ12500 » 274 »/„
ƒ24600 » 3'A %
S. Iemand leende voor een jaar ƒ 650 tegen 4V^ %•
Hoeveel moest hij bij het einde des jaars betalen ?
9. Een bankier leende aan een koopman ƒ12500
tegen 4'/2 %. Hoeveel ontving hij na een jaar aan ka-
pitaal en intrest?
10. Hoeveel rente trekt men , als men ƒ412 voor
een jaar naar de postspaarbank brengt, en 2,49 cent
van eiken gulden trekt?