Boekgegevens
Titel: Gedichtjes voor kinderen uit behoeftigen stand
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: J.H. en G. van Heteren, 1863
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4054
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202685
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kindergedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedichtjes voor kinderen uit behoeftigen stand
Vorige scan Volgende scanScanned page
47
MOEDER.
Kind! vrees niet en beef niet, want God is zoo goed;
Al schittert de bliksem in lichtlaaijen gloed.
Al ratelt de donder, van 't oost tol het west,
Wal Hij doel, mijn kindlief! is altoos hel best.
Dal weer geeft gezondheid aan mensch en aan dier,
Aan planten en bloemen verkwikking en tier;
Niet lang duurt de donder, straks houdt hij weer op;
Dan glinstert de zon weer in iederen drop;
Dan zingt weer de vogel zoo vrolijk zijn lied.
Wees rustig, mijn liefje! foei, beef toch zoo niet!
Kom , zing maar eens liever: »De Schepper is goed!"
Eer aanstonds, mijn kindje! de vogel dat doet.
LIEDJE.
De Schepper is goed,
In al wat Hij doet;
Wat ramp immer nader',
Hij is en blijft Vader,
Bij zuur en bij zoel.
En dal niet alleen
Voor enkelen, neen!
Wat ramp immer nader',
Hij is en blijft Vader
Omtrent iedereen'.