Boekgegevens
Titel: Beknopte schets van de gronden der Nederlandsche taal: in vragen en antwoorden, ten dienste der lagere scholen
Auteur: Backer, H.G. de
Uitgave: Tiel: wed. D.R. van Wermeskerken, 1854 *
2e, verm. en verb. uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2012
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202584
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte schets van de gronden der Nederlandsche taal: in vragen en antwoorden, ten dienste der lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
Volmaakt verledene tijd.
Ik heb
Gij hebt
Hij heeft
Wij hebben
Gij hebt
Zij hebben
I
Ik ben
Gij zijt
Hij is
Wij zijn
Gij zijt
Zij zijn
aq
Ik ben
Gij zijt
Hij U
Wij zijn
Gij zijt
Zij zijn
Meer dan volmaakt verledene tijd.
Ik had
Gij liadt
Hij had
Wij hadden
Gij Iiadt
'Zij hadden
!k zal
Gij zult
nij zal
Wij zullen
Gij zult
Zij zullen
Ik zal
Gij zult
Hij zal
Wij zullen
Gij'zult
Zij zullen
w
u
&
I
5
Ik was j
Gij waart
« jS Hij was a? O
Wij waren 3.
C/I Gij waart n p
Zij waren
Ik was
Gij Maart
Hij was.
Wij waren
Gij waart
Zij waren
Eerste toekomende tijd.
Ik zal Ik zal 1
Gij zult Gij zult
Hij zal Hij zal
Wij zullen ? Wij zullen
Gij zult Gij zult
Zij zullen ' Zij gullen
Tweede toekomende tijd.
Ik zal «g Ik zal
Gij zult ^ Gij zult
Hij zal § Hij zal
Wij zullen Wij zullen g
Gij zult Gij zult
Zij zuUen 1 ? Zij zullen (
BIJVOEGENDE WIJS.
Dat ik Jicbbc.
Dat gij hebbet.
Dat hij hebba
Tegenwoordige tijd.
Enkelvoudig.
Dat ik zij.
Dat gij 7ijt.
Dat bij z.ij.
Dat ik worde.
Dat gij wordet.
Dat hij worde.