Boekgegevens
Titel: Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Auteur: Valkhoff, J.N.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1898
15e, herz. druk
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-1037
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202104
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Vorige scan Volgende scanScanned page
42
den geneesheer niet gekend. Hebt gij den makker van
den leerling gezien? Zijn er tien kerken in de hoofdstad?
— Er zijn meer dan {plus de) tien kerken. Er zijn acht-
tien kerken. Hoeveel paleizen heeft de hertog? (vert. de
hertog heeft hijP) — Hij heeft meer dan drie paleizen.
Waar zijn de paleizen des hertogs?
60.
De soldaten hebben gestreden tegen de Engelschen.
Heeft men het huis des molenaars verkocht? Ik heb een
opstel en twee vertalingen gemaakt. Men heeft koffie
en thee (vert. de ko'ffie en de thee) gezet {gemaakt). Heeft
men ook thee en suiker verkocht ? Ik heb de beide
(vert. twee) zusters van Karei in de kamer gezien. Men
heeft honger en dorst. Wij hebben in de hoofdstad ge-
woond (vert. geleefd). Gij zijt {hebt) warm, Karei. Men
is {heeft) ook koud.
61.
Men heeft de huizen der stad op hoogten gebouwd.
Heeft men het paleis van den graaf ook op eene hoogte
gebouwd? De kok heeft de ham niet gebracht. Heeft
Willems moeder twee kinderen verloren? — Ja, mevrouw,
zij heeft twee kinderen verloren, een kind van twee ja-
ren {an) en een kind van vier jaren. Hoeveel kinderen
heeft zij nog? — Zij heeft nog vijf kinderen.
62.
Heeft Hendriks broeder een' rang in het leger? Ka-
reis neef heeft een huis met een' tuin. Heeft hij
geld? — Hij heeft geen {point) geld. Heeft de vader
van den koopman geld? — Hij heeft veel geld. Hij