Boekgegevens
Titel: Vervolg van het algemeen leesboek en ordelijk onderwijs, voor de eerste behoefte der kinderen, in hunne onderscheidene omstandigheden en betrekkingen
Auteur: Thurn, Wilhelm Christoph
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, van de Grampel en Hanssen, 1825
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8611
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202086
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Socialisatie (bedrijven), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vervolg van het algemeen leesboek en ordelijk onderwijs, voor de eerste behoefte der kinderen, in hunne onderscheidene omstandigheden en betrekkingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
DIEREN en PLANTEN. Hoofdfi. 57
heid waar, want het cene oogenblik ftaac mij
niet in voor het volgende. De fchaduw der
boomen, welke ik nu plant, verkwikt welligt
mijnen naneef nog, die er mij 'voor danken zal.
Zou de wijze mensch ook niet voor het'ge-
noegen van het nageflacht zorgen? Zouden wij
ons in de fchaduw der boomen vtjrhcugen,
indien onze Voorvaderen dezelve niet geplant
hadden? 0 Het lieeft zoo veel .zaligheiJ in,
voor het welzijn van anderen, en inzonder-
heid voor dat van het nageflacht, zorg cc dra-
gen! Deze zaligheid is cene vrucht, uelke ïK
thans reeds geniet; ik kan dezelve morgen»,
ja misfchien nog ettelijlte dagen genieten.
Leert alzoo, mijne kinderen! a's wijze men-
fchen , ook voor het genoegen van anderen
zorgen.'*
Der wijzen oude-dom gelijkt een' frisfcheu boom.
Zijn kruin befprocit d-c dauw; zyn' wortel drenkt dc
ftroom;
Hij wcdcrftaat den ftorm der drift, der fmart, der jaren;
Hij toont ccn rijpe vrucht, befchaduwd door de blaren,
't Gedierte weide verheugd aan zijn* br-mosten voc-t;
De Wandlaar vindt zijn-loof en hangend Jommer 7.oct,
De winter moog' zijn kruin met rijp en fneeuw beftroo^jcn ,
En 't uitgedorde loof van heel het woud verfchooiien,
Plij ftaat nog even groen met loof en vrucht te prijk-
Dcmildhcid van zijn vrucht geef; van 7i]n leefkracht blijk.
Mij overleeft gewis 't gcHacht, dat nog moet bioeijen;
Zijn zegen yal nog op den laatften naneef vlocijt». ^
Dg DE8--