Boekgegevens
Titel: Vervolg van het algemeen leesboek en ordelijk onderwijs, voor de eerste behoefte der kinderen, in hunne onderscheidene omstandigheden en betrekkingen
Auteur: Thurn, Wilhelm Christoph
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, van de Grampel en Hanssen, 1825
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8611
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202086
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Socialisatie (bedrijven), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vervolg van het algemeen leesboek en ordelijk onderwijs, voor de eerste behoefte der kinderen, in hunne onderscheidene omstandigheden en betrekkingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
DIEREN en PLANTEN. Hoofdfi. II. a?
het min-üi nut aan. Ach! enielbaar zijn de
fihepfelen, die, zonder mijne wreedheid, zieh
weUigt nog in het leven zouden rerheugen."
De Predikant liet dezen ongeiukkigen r,og
eenigen tijd in deze bskommerms, en flelde hem
toen voor oegea, dat d^ boosaardige moord
van een dier ook nug däärom bijzonder (Iraf-
baar is, umdat'een dier verder niets te ver-
wachten heeft, dan ait korte levefi, en de
weinige vreugde, welke het in deze wereld
geniet.
Onder dit gefprek bemerkte de Lieraar, dat
de bcenen van rummjng geheel zwart werden.
De Heelmeester werd gehaald, cn deze ver-
klaarde, dat de beide becnen binnen den tijd
van een half uur mnesten worden afgezet,
want dat \ de lijder anders aan het koudvuur
zou moeten flerven. De beenen werden wer-
kelijk afgezet. Nu fteeg zijne v^nvijßling
ttng hooger. Hij heritu.erde zirh, hie veel
dieren hij, mo-'dwilligUjk, van diezelfde lig-
chiams deelen beroofd had, welke hij nu mts-
fe» maest.
,,Ach!^^ riep hij, ,, hoe wenigen kever, hoe
menigen vogel, rukte ik de beenen af, zonder
te bedenken, dat deze f hepfeUn dezelfde fmar-
ten ondervot d'n, welke in in deze oogenblik-
ken gevoel! Hoe menig dier, dat /<: met ko-
kend water overg'oot, moest datgene gevoelen ,
'wat ik nu ondervind.'^''
Dus klaagde ROMMfNG onophoudelijk Hij
was bijna uitzinnig, en zou zich w. 'Uigt, in
zijne vertv'ijfe ing, om het leven gebragt hib-,
ben, zoo de Leeraar hem niet eenigen troost
ingeboezemd had.
Eindelijk werd hij geheelddoch konda
C 3, ■ fiici