Boekgegevens
Titel: Vervolg van het algemeen leesboek en ordelijk onderwijs, voor de eerste behoefte der kinderen, in hunne onderscheidene omstandigheden en betrekkingen
Auteur: Thurn, Wilhelm Christoph
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, van de Grampel en Hanssen, 1825
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8611
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202086
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Socialisatie (bedrijven), Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vervolg van het algemeen leesboek en ordelijk onderwijs, voor de eerste behoefte der kinderen, in hunne onderscheidene omstandigheden en betrekkingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
f8 het KIND, IS BETREKKING tot GOD
/
2. de christen.
ZdON. Lieve Vader! fnag ik u weieens ei-
nige vragen doen: Waarom hidt gij toch ^ —
Waarom gaat gij ter ktrke^ — Waarom hebt
gij mij daar laten doopenj — en waarom gaat
gij aldaar gedurig Avondmaalt
Va dir. Omdat ik geloof, dat er een God is,
die dengenen wil beloonen wil, die tot Hem
komt i niet omdat Hem daarmede dienstgefchiedt,
maar omdat Hij een welgevallen vindt in ons te
'beweldadigen. Wij komen tot Hem , wanneer wij
Hem erkennen in de werken der Natuur, en
in de zending van jtzos chrlstt s , die vun
Hem getuigd heeft, dat Hij onze F ader is , die
door zijne Votrzienigheid ons lot befluurt, en
ons tijdelijk en eeuwig geluk bedoelt. Om dus
mijn hart tot dien Vader z? verheffen, fiort ik
gebeden uit; orii dit meer p legt ig te doen, ga ik
ter kerkl; om u, mijn zoon! dien Algemeenen
Vader aan te bevelen , heb ik u laten doopen, en
ter gedachtenis van jfzus christüS, den getrou-
wen getuige , ga ik aldaar ten Avondmaal.
Zoon. Maar zeg eens , Vader! hoe komt het, dat
gij altijdnog'zoowelgemóedzijt, niettegenflaande
gij onlangs mijne Moeder verloren hebt, en door
de omßandigheden bijna arm geworden zijt?
Vader, Daarvan is de reden, mijn kind! dat
de hoop'wi; bemoedigt. 'Zij is het, die mij zegt,
dat uwe Móéder thans gelukkig is , dat wij haar
eenmaal zullen wederzien , en dat onze Hemelfche
Vader , die het geringße dier wel verzorgen wil,
cok ons niet zal verlaten. Zij is het, die mij
kracht geeft, om mijne vlijt te verdubbelen , zoodat
ik nog eenmaal een welgefteid man kan worden.
Dexe hoop ftittnt op geen' losftn voet : zij is
ge-