Boekgegevens
Titel: De Schoolvriend: een leesboekje voor de laagste klasse
Deel: 1e stukje
Auteur: Liefde, J. de
Uitgave: Amsterdam: Höveker & Zoon, 19e eeuw *
11e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8002
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201957
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De Schoolvriend: een leesboekje voor de laagste klasse
Vorige scan Volgende scanScanned page
turen. Lust gij wel een appel? De tamboer
slaat het appèl.
Wanneer gij nu deze woorden zonder stot-
teren kunt lezen, dan zal het vyel gaan.
Maar wees er nu maar niet grootsch op.
Want dat lezen hebt gij uzelven niet geleerd.
Dat hebt gij van God, den Heere. God heeft u
ouders en meesters gegeven, die u dat leerden.
Wat heeft God u dan niet lief! Gij moogt
God wel van harte danken, dat Hij u lezen
geleerd heeft.
Leendeet Looplief dankte den Heereniet
voor het lezen. Hij las niet graag. Hij speelde
veel liever met de jongens op straat. Daarom
kwam hij haast nooit in de school Des mor-
gens om negen uur gingen de andere kinderen
naar school, maar dan liep Leendert in het
bosch , of naar de weide. Somtijds kwam hij
nog wel in de school, maar dan speelde hij met
de handen onder den lessenaar met griftjes, of
met een tol, of met zijn zakdoek. Zoo leerde
hij geen lezen; en toen Leendert vijftien jaar
oud was, verstond hij geen enkel boek.
De menschen noemden hem den dommen
Leendert. Maar hij dacht: Kom, wat kan
het mij schelen, of ik ook al niet lezen kan?
Maar het duurde niet lang, of hij zag hoe
ongelukkig hij was, omdat hij niet lezen kon.
Op zekeren tijd moest Leendert eene bood-
schap doen voor zijn vader bij een boer.
Toen hij aan het hek van het boerenhuis kwam,
zag hij een houten plankje aan een paal.