Boekgegevens
Titel: Leerboek der Engelsche taal naar Ollendorff's methode
Deel: 4e stukje
Auteur: Stevens, J.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp, Van de Grampel en Bakker, 1871
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8321
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201927
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der Engelsche taal naar Ollendorff's methode
Vorige scan Volgende scanScanned page
54
To arrogate ones self, zich
aanmatigen.
To ascribe, toeschrijven.
Töa.v/riVe, dingen, staan, streven,
trachten naar,
To assent, toestemmen in.
To attach, hechten a a n, genegen,
toegedaan zijn.
To attend, achtgeven o p, hooren
naar.
To aitrUntte, toeschrijven.
To be inured, verd ragen k unnen,
gt woon ziju aan.
To beckon, wenken.
To belong, behooren aan.
To bow, buigen, zich verne-
deren voor, zich onderwer-
pen aan.
To ding, vasthouden, hechten
aan, kleven aan.
To compare, vergelijken met.
To conduce, leiden tot, bijdra
gen tot.
To confine, beperken tot.
To conform, zich richten naar.
To consent, inwilligen, toestem-
men.
To consign,^ toevertrouwen,
overgeven aan, consigneeren
(iading) aan.
To contribute, bijdragen, bijbren-
gen 1 O t.
To convey, overdragen op,
voeren naar.
To correspond, overeenstemmen
met.
To drink, drinken op.
To elevate, verheiFcn lot.
To entitle, recht, aanspraak ge-
ven op.
To carciVe, opwekken, aanzetten
tol,
To expose, blootstellen, prijsge-
ven aan.
To fasten, bevestigen aan.
To force, dwingen, noodzaken
te.
To hearken, hooren, luisteren
naar.
To help, helpen aan, voorzien
van, bedienen,
To impart, mededeelen.
To impute, toeschrijven, wijten,
aanrekenen.
To Incite, aanzeilen, aanhitsen.
To incline, neigen, overhellen
tot.
Tö mr/uce,nopen, overhalen lo t.
To ijiscribe, opdragen, wijden
aan.
To instigate, aanzetten tot.
To inure, gewennen aan.
To kneel, knielen voor.
To lead, voeren lot.
JV/ean, overhellen tol.
Tü/wi/e/*, hooren, luisteren naar.
To look, letten op, zich ver-
laten op.
To object, tegenwerpingen ma-
ken, het hebben tegen.
To prefer, de. voorkeur geven.
To present, voorstellen aan,
aanbieden,
To pretend, aanspraak maken
op.
To proceed, gaan, reizen naar.
To reconcile, verzoenen met,
gewennen aan.
Türe^/uce, brengen, verminderen
lot.