Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
.46
MEERVOUD.
Dans quelques pays on laboure
avec des bœufs, dans d'autres
avec des chevaux.
Est-ce qu'il y a beaucoup de
bétail chez vous?
On n'a pas beaucoup de che-
vaux , mais on a assez d'autre
bétail *. Il n'y a pas si pauvre
sous-fermier qui n'ait au moins
deux vaches.
Deux vaches, ce n'est pas
beaucoup [de bétail].
Aussi les pauvres gens ont-ils
bien de la peine à joindre les
deux bouts; il y a bien des
trous à boucher. Mais il y a
des paysans riches qui ont de
cinquante à cent têtes de bé-
taiP ' (une centaine debestiaux).
Est-ce qu'on est bon pour les
animaux chez vous?
Dans le nord on est beaucoup
meilleur pour les animaux que
dans le midi. En France, on
maltraite souvent les pauvres
animaux d'une manière af-
freuse, et on en parle avec
indifférence, en haussant les
épaules : „Que voulez-vous ?
Les bêtes ne sont pas des
chrétiens."
In eenige landen ploegt men
met ossen, in andere met
paarden.
Is er veel vee bij u [te lande] ?
Er zijn niet veel paarden, maar
er is wel veel ander vee. Er
is geen boer (onderpachter)
zoo arm, of hij heeft ten
minste twee koeien.
Twee koeien, dat is niet veel
[vee].
Daarom valt het dien armen
menschen zeer moeielijk rond
te komen; er vallen heel wat
gaatjes te stoppen. Maar er
zijn rijke boeren, die wel
vijftig tot honderd stuks vee
hebben.
Worden de dieren goed behan-
deld bij u [te lande]?
In het noorden behandelt men
de dieren veel beter dan in
het zuiden. In Frankrijk wor-
den de arme dieren dikwijls
vreeselijk mishandeld, en men
spreekt er onverschillig over
en haalt de schouders op:
„'t Is nu eenmaal niet anders.
(Wat zal ik ervan zeggen?)
Dieren zijn geen menschen."
42.
A qui sont ces beaux chevaux ?
Ce sont les chevaux du roi. On
va les ramener aux écuries
royales. Oui, ce sont de beaux
chevaux, grands et bien faits,
Van wien zijn die mooie paarden?
't Zijn de paarden van den ko-
ning. Ze zullen zoo aanstonds
naar de koninklijke stallen
worden teruggebracht. Ja,
Tot bétail, ook gros bétail, worden, naast het rundvee, ook paarden
en ezels gerekend. Petit bétail beteekent: varkens, schapen, geiten.