Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
T-
210
ONBEPAALDE VOORNAAMWOORDEN.
r ■
i:
trouverez que^vous n'avez ja-
mais rien vu de si beau. Dans
tous les cas vous désirez y
aller un jour?
Plus que jamais.
bevinden, dat je nooit zoo
iets schoons hebt gezien. In
allen gevalle wensch je toch
er eens heen te gaan?
Meer dan ooit.
210.
On m'a dit que vous en savez
de belles sur le compte de
ce Richard. Vous devriez pu-
blier ces belles histoires.
Il est vrai que j'ai rompu (je
me suis brouillé) avec lui à
tout jamais. Jamais, au grand
jamais je ne remettrai les
pieds chez lui. Mais le trahir,
lui qui a été mon ami? Ja-
mais je ne pourrais faire cela.
Jamais je ne le ferai. Jamais
de la vie!
Er is me verteld, dat je wat
moois weet van dien Richard.
Je moest die fraaie zaken
bekend maken.
Ik heb, het is waar, alle vriend-
schap met hem voor immer
afgebroken. Nooit van mijn
leven zal ik weer een voet
bij hem in huis zetten. Maar
hem verraden, hem, die mijn
vriend is geweest? Dat zou
ik nooit kunnen doen. Dat
zal ik nooit doen. Nooit van
mijn leven!
211.
On dit que la guerre va éclater.
On dit cela, mais on ne le (n'y)
croit guère.
En bien, on se trompe. On le
dit [fam. pour] tout de bon.
Il faut se méfier des „on dit".
Je tiens de très bonne source
que c'est vrai.
Men zegt, dat er spoedig oor-
log zal komen.
Dat zegt men wel, maar men
gelooft het niet.
Nu, dan vergist men zich. Het
wordt ernstig verzekerd.
Praatjes moet men niet ver-
trouwen.
Mij is uit zeer goede bron ver-
zekerd, dat het waar is.
212.
Asseyons-nous ici et causons.
Silence ! On vient. On nous
verra ensemble. Qu'en dira-
Laten we hier gaan zitten en
eens praten.
Stil! Daar komt iemand aan.
Men zal ons samen zien.