Boekgegevens
Titel: Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Auteur: Storm, Johan; Robert, C.-M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1892
2e Ned., herz. uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8245
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201890
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Fransche spreekoefeningen tot gelijktijdige beoefening van de spraakkunst en de gesproken taal: middelcursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
TELWOORDEN. 107
Le tiers et le quart *. Deze en gene.
Au siècle dernier il a été ques- In de vorige eeuw is er sprake
tion du tiers état ; maintenant geweest van den derden stand;
il s'agit du quatrième état. thans is er sprake van den
vierden stand.
En moyenne, un tiers de l'hu- Gemiddeld sterft een derde van
manité meurt avant l'âge de het menschdom voor het derde
trois ans. jaar.
OEFENINGEN IN HET GEBRUIK EN IN BE UITSPRAAK
DER TELWOORDEN.
Eenmaal «én is één. Tweemaal twee is vier. Driemaal drie is
negen. Viermaal vier is zestien. Vijfmaal vijf is vijf en twintig.
Zesmaal zes is zes en dertig. Zevenmaal zeven is negen en
veertig. Achtmaal acht is vier en zestig. Negenmaal negen is
één en tachtig. Tienmaal tien is honderd.
Een jaar en een maand; twee jaar en twee maanden; drie
jaar en drie maanden; vier jaar en vier maanden; vijf jaar en
vijf maanden; zes jaar a) en zes maanden; zeven jaar en zeven
maanden; acht jaar en acht maanden; negen jaar en negen
maanden; tien jaar a) en tien maanden; elf jaar a) en elf maanden;
twaalf jaara) en twaalf maanden is dertien jaar.
Wanneer zal hij naar Parijs gaan? Over acht dagen (vandaag
over acht dagen). Hij gaat er in één dag heen. Hij is er acht
dagen geleden geweest. Gaat hij er dikwijls heen? Om de acht
dagen, soms om de veertien dagen.
Er zijn weinig Fransche gezinnen met meer dan drie kinderen;
toch ken ik er met b) acht kinderen, negen, ja zelfs c) tien
kinderen.
Tien en elf is één en twintig. Tien en twaalf is twee en twin-
tig. Tien en dertien is drie en twintig. Twintig en twaalf is
twee en dertig. Twintig en dertien is drie en dertig.
Wat kost dat? Een franc vijftig. Dat is te duur. Ik zal het
verkoopen [voor] één franc vijf en twintig [centimes]; geen sou
minder.
Et l'on y sait médire et du tiers et du quart (Molière, Tartuffe I, i).