Boekgegevens
Titel: De gedichten van den Schoolmeester
Auteur: Schoolmeester, de; Lennep, J. van
Uitgave: Arnhem, Nijmegen: E. & M. Cohen, ca. 1900 *
13e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7995
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201826
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De gedichten van den Schoolmeester
Vorige scan Volgende scanScanned page
83 , Natuurlijke historie voor de jeugd,

(Want niemand die zoo bang voor vochtigheid als een kat is;
Ofschoon er menige jeugdige kat of kater
Om *t zwemmen te leeren als zuigeling gaat te water,)
Dan wandelt hy, zeg ik, den moes- en bloemtuin eens om.
Mitsgaders het bleekveld het kippenhok en de eendenkom,
Om zich te verzekeren, dat er nergens eenige sordes
Of vuiligheid liggen, en dat alles behoorlijk in orde is.
Terwyl hij nu en dan, als een volleerd acrobaat,
Voetjen voor voetjen over den rand van een schutting gaat
En er op- en afspringt, zonder ooit te schroomen.
Dat hy niet op zijn pooten weer te land zou komen.
Immers als springer en equilibrist is hy een bol.
Die het kan te raaien geven aan den gunstig bekenden menheer Auriol.
Ja, hy is nog vlugger dan nu wijlen Madame Saqui,
AI is zy als een zephyr gekleed, in een vleeschkleurd jakkie.
En hy altijd in een bonte pels loopt, of winterpakkie.
Somtijds zit hy ook uren lang te loeren naar 't eon of ander takkie.
Waar een nachtegaal zit te kwinkeleeren of groene sijs,
En dan peinst hy: »had ik je hier maar, je waart spoedig prijs."
Want een dergelijk vogeltjen, zelfs ongebraden, is een kat zijn delikaatste
spijs.
Soms klautert hy ook zelf in een boom; maar wat men daarvan moog spreken.
Ik wil den knappen brilleslijper wel eens zien, die hem er uit heeft gekeken.
Soms weêr doet hy de ronde, en let of alles behoorlijk toegaat in huis.
En kuiert al de vertrekken rond, zolder en proviziekamer inkluis.
En vergewist zich op zijn toumée of al te met de keukenmeid,
Als wel eens gebeurt, door nonchalance of onachtzaamheid,
Terwijl zy met den brievebestelder, of slagersmof staat te praten,
Een bord met room of gebakken vischjcns^ of een saucijsjen ä fabandon
heeft gelaten:
En, opdat Mevrouw het verzuim niet merke en er zich over beklaag.
Ja misschien, na veel gekakels over en weêr, in een driftige vlaag,
Aan de meid de dienst opzeg met Mei, of haar zelfs sfan^epede de deur
uitjaag.
Haast zich onze kat om Hp onhp.waakte kliekjens te bergen, en wel in
zijn maag.

r
i
i •'