Boekgegevens
Titel: De gedichten van den Schoolmeester
Auteur: Schoolmeester, de; Lennep, J. van
Uitgave: Arnhem, Nijmegen: E. & M. Cohen, ca. 1900 *
13e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7995
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201826
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De gedichten van den Schoolmeester
Vorige scan Volgende scanScanned page
56 Ve koffij-veiling.
TWEEDE BEDRIJF.
EERSTE TOONEEL.
(Een Kamer.)
KAMENIER, alleen.
Mevrouw schgnt den gandschen morgen aan haar toilet te besteeden
En valt zich zelve gestadig met alleenspraken in de reden.
Terwijl ik by my zeiven overpeins wat de reden toch wezen mag,
Dat ik mijnheer Dadelpracht zoo plotselings verdwgnen zag
Met Andries, den beminde van uw onderdanige dienares, en de twee
Isabellen,
Die net zoo heeten als ik alleen, en mekaêr altijd in 't meervoud verzeilen.
Dit alles dient voor my nog te worden opgelost,
Zoowül als die brief, zoo geheimzinnig hier gebracht met de post.
Doch daar ik Mevrouw hoor schellen, moet ik terstond van hier.
Want het publiek ziet altijd een kamenier.
Die oplettend haar plicht betracht, met veel plezier.
TWEEDE TOONEEL.
(Het kleêvertrek van Mevrouw Dadelpracht.^
MEVROUW, tegen Kamenier.
Helaas 1 ik ben nu wel verplicht, mijn weduwelijke eenzaamheid
Door eenige variatie op te vrolijken, beste meid I
En my te verstrooien met gezelschap en andere gasten:
Ik zal u derhalve met de invitaties belasten.
Een bal is te fatigant; doch een theeparty
Of conversatione is iets, dat zeer gezocht is in de Maatschappy,
KOETSIER, komt binnen.
Ik kom thands met voorzichtigheid u berichten, Mevrouw,
En zonder u ongerust te maken, dat gy u gerust kunt steken in de rouw.
Aangezien er thands volstrekt geen nood is,
Dat de heer Dadelpracht altemet niet dood is.
Zoo men ten minste in 't water vallen, verdrinken en naderhand finaal
Met den naam mag vereeren van overlijden. overrijden