Boekgegevens
Titel: De gedichten van den Schoolmeester
Auteur: Schoolmeester, de; Lennep, J. van
Uitgave: Arnhem, Nijmegen: E. & M. Cohen, ca. 1900 *
13e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7995
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201826
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De gedichten van den Schoolmeester
Vorige scan Volgende scanScanned page
Zesde brief van den schoolmeester, 1i7
ZESDE BRIEF
TAir DEH 8 CH O O L H E E 9 T BB»

Gelijk een Grootvorstin haar zonen,
üp 't vorstlijk ledikant geteeld,
Gestadig en verd____verveelt,
Wanneer zy, om hun vlijt te loonen.
Voor hen op 't draagbaar orgel speelt
Of iets uit Plato mededeelt:
Gelgk een ouderling zijn kind'ren
— Wier dartel woelen en gedruisch
Een molen maken van zijn huis
En in zijn ambtsberoep hem hind'ren
Naar zee zendt in een haringbuis:
Gelijk een jas, met lange mouwen
En met een halskraag als een vlag.
Wel aan een klopper, zeer verkouen,
Maar geenszins aan de bloem der vrouwen,
Vooral op haar geboortedag
Van zestien jaren, passen mag:
Gelijk een man zijn zomersokken
In 't herfstsaizoen op 't aardrijk spreiik
En in zijn vrouws flanellen rokken
Op 't bed den wintermorgen beidt:
Gelijk een zuigling in de luren
't Geheim der toekomst slechts bevat,
Schoon 't met zoo velerlei figuren
Het linnen om zich heen bespat.
Alsof reeds van ziin jeugdigste uren
De Gelder hem had beet gehad:
Gelijk de telg dor ozelinne
Het blanke vocht der moedersppen.
Doch d'ezelstommigheid meteen.