Boekgegevens
Titel: De geschiedenis der Israëliten, na den dood van Jozua, gedurende het bestuur der Regters, tot den eersten koning Saul
Auteur: Oostkamp, Jan Antonie
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7035
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201541
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De geschiedenis der Israëliten, na den dood van Jozua, gedurende het bestuur der Regters, tot den eersten koning Saul
Vorige scan Volgende scanScanned page
76 d e geschieden i s
len trekken, maakte hij zich gereed om aan
hare bevelen te voldoen.
Jan, Ging Deuora dan toch waarlijk me-
de, Vader?
Vader. Wel zeker. Jan! en dit was
een bewijs van haar onbepaald vertrouwen op
de goddelijke hulp , echter verzekerde zij aan
Barak, dat hij, (omdat zij mede moest gaan)
<le eer niet zoude hebben van Sifera te
dooden, maar dat God dien veldheer door de
hand eener vrouw zou doen omkomen.
Hendrik. Zeker door Delora zelve,
niet waar. Vader?
Vadeu. Neen, Hendrik! Het vervolg
dezer gefchiedenis zal nog eene andere
vrouw , die dit helJenihik uitvoerde , leeren
kennen. Intusfchen trokken Debora en Ba.-
iï a k op , en verzamelde de tienduizend man
uit Ze bul oh en Nafiali (waarfchiinlijk in
ftilte j te Kedes , waar Barak woonde , bij
een, en plaatften zich op den kruin van den
berg Thabor, ten einde den vijand aftewachten,
die ook fpoedig kwam opj^etten.
Koosje. Wist dan Sifera alzoo fchielijk
wat Barak doen wilde. Vader?
Vader. Hij wist het eigenlijke oogmerk vafli
Barak niet, maar konde toch gemakkelijk be-
griipen, dat hij, te zijnen opzigte, geen goeds
jn den zin had , daarom trok Sifera zijne
gatifche legermagt, met al de wagenen en paar-
den bijeen, toog naar den berg Thabor en plaat-
ite zijn heerleger nabij de beek Kifon-, die aan.
>len voet van den genoemden berg ontfpringt,
^Uenkende dat hij nu aan Barak en zijn wolk,
/Jlen toevoer konde afihijden en hem noodzaken
^ zich