Boekgegevens
Titel: De geschiedenis der Israëliten, na den dood van Jozua, gedurende het bestuur der Regters, tot den eersten koning Saul
Auteur: Oostkamp, Jan Antonie
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7035
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201541
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De geschiedenis der Israëliten, na den dood van Jozua, gedurende het bestuur der Regters, tot den eersten koning Saul
Vorige scan Volgende scanScanned page
DER
ISRAëtlTEN.
i33
verhaalden zij die ongeval op zynen Ichoonva-
der, op zijne gewezene vrouw en hare gehee-
le faniilie; want ü} Haken bij nacht hun huis
in brand, zoodat zy alle ellendig omkwamen.
Koosje. Dat was treurig, F ader!
V a d e r.
want toen
veitelden ,
hadden, in
goed zoude
vroeg hen.
7ie zaak
niet eer

>1
Eil hier bleef het nog niet bij;
dü FiUflijncn bij hem kwamen eu
hoe zi) zijn fchoonvader behandeld
vertrouwen dat dit hem bijzonder
aarihan, hield hij zich boos, en
„ ÏVic heeft u geroepen^ orn mif
u aan te trekken? Nu zal ik
rusten , totdac ik dien gepleegden
„ moord heb gewroken!** liierop viel bij in
woede op hen aan, en floeg alle inwoners van
Timnathy die hem op dien tijd ontmoetten, armen
en beenen aan Hukken. Daarna verliet hij de
Ihd, en ging in eene der kloven of holen van
de ruts Etham^ lüe: verre van Hetlekem zijn
virbüif nemen, ten einde .veilig te zijn tegen
de Fillfüjnen^ walker wraak hij ie wachten had.
• Jan. Niet zonder reden, Vader!
'iv o o s j E. K wamen de Filiflijnen hem daar
cpzoeken , Va der ?
Vader. Zii waren wel op wraak bedacht,
doch zelve durfden zij niet bij Si%isons berg-
hol te komen, cn daarom dwongen zij de in-
woners van den Itam Juda^ door plunderen
en llroopenv om hciun te gaan en Simson
gevangen aan hen overieleveren.
Hendrik. Dat zuilen toch z^nc eigene
landgenooten niet hebben willen doen. Vader!
Jan. En ik voeg er bij, ook niet hebben
kunnen doen; want Simêon was zoo gemak-
kelijk niet te vangen
I 3
Va-