Boekgegevens
Titel: De geschiedenis der Israëliten, na den dood van Jozua, gedurende het bestuur der Regters, tot den eersten koning Saul
Auteur: Oostkamp, Jan Antonie
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1827
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7035
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201541
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De geschiedenis der Israëliten, na den dood van Jozua, gedurende het bestuur der Regters, tot den eersten koning Saul
Vorige scan Volgende scanScanned page
122^ DE OESC HIEDENIS
kunnen onderkend worden, en zoo was het ook
onder de Israêliten. De inwoners van Bfraim^
die over de Jordaan zochten te ontvlugten ,
zeiden wel , wanneer zij werden aangehouden,
„ wij zijn niet uit den Ham van Efraim,^
JJoch zij werden aanftonds op de proef gezet,
door het uiifpreken van een woord, dat die vap
Efraim niet goed naar de letter uitfpraken.
Koosje, He, Vader I welk woord was
dat ?
Vader, Het Hebreeuwsch woord Sjibbó-
LEïH, hsrtwelk eene rivier, of ook wel eene
koren-aar, beteekent,
Koosje, Konden die van Efraim dit woord
niet uiifpreken?
Vader. Neen, Koos} Zij konden de
niet uitfpreken. maar gebruikten altijd daarvoor
eene zachte S. Als zij dan Sjibbóleth moes-
ten zeggen zoo als van hen gevorderd werd,
dan zeiden zij Sibbóleth, en werden zonder
genade dood geflagen, zoodat er in dezen bur-
gerkrijg , twee en veertig duizend Efraimiten
het met den dood bekoopen moesten. Ziet hier
.wederom, kinderen! een tr«Send voorbeeld der
treurige gevolgen van «enen burgerlijken oorlog.
Hendrik, En kreeg Jephta toen ruste.
Vader?
Vader. Ja, Hendrik! maar zijne ruste
en roem waren van korten duur; na zes jaren
het Regterambt te hebben bekleed, ftierf hij,
en werd begraven in de Had zijner inwoning,
aan welke hij den naam van groote ftad Gilead
fegeven had. Laten wij het nu hierbij laten,
inderenf het is meer dan tijd om te rusten.
VEER-