Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-90
sen, in 1635, te Praag een vredesverdrag sloten, waarbij de meeste
Protestantsche vorsten , uit vrees voor den Keizer en uitgeput
door de verwoesting hunner landen, zich aansloten.
De toestand der Zweden werd nu zeer hagchelijk. De Keur-
vorst van Saksen, wiens land zij tweemaal van den ondergang
hadden gered , had de zijde des Keizers gekozen; de Polen dreig-
den den oorlog te hervatten, daar de zesjarige wapenstilstand
van 1629 (bl. 87) ten einde liep; op de medewerking der Duit-
sche vorsten, met uitzondering van eenige weinigen, viel niet te
rekenen, en de schatkist was uitgeput. In dit gevaarlijk oogen-
blik snelde Oxenstierna naar Parijs, en sloot een verbond met
(Richelieu , die begreep, dat het meer dan ooit ter bereiking
zijner plannen noodig was, openlijk en krachtdadig tegen Oosten-
rijk en Spanje op te treden , en eenige maanden té voren met de
Nederlanders een verbond tegen laatstgenoemde rijk had ge-
sloten (Febr. 1635). Daarbij zag de scherpzinnige staatsman zeer
goed in, dat juist nu, bij den ongimstigen toestand, waarin
Zweden zich bevond, niet alleen de gelegenheid voor Frankrijk
was geopend om grooten invloed op den loop der zaken te ver-
krijgen , maar dat ook het vooruitzigt bestond om het Fransche
grondgebied ten koste van het Duitsche uit te breiden. Het werd
dan ook in de eerstvolgende jaren meer en meer duidelijk, dut
het streven van Riciielieu was, in het bezit te geraken van
den Ehas. Door zijne bemiddeling kwam er nog datzelfde jaar
(1635) tusschen Zweden en Polen eene verlenging van den wa-
penstilstand voor den tijd van 26 jaren tot stand.
Met nieuwe kracht werd nu de oorlog hervat, die nog dertien
jaren met afwisselend geluk, maar doorgaans ten nadeele van
den Keizer gevoerd werd, en waarbij vooral Hertog Bernard
van Saksen-Weimar (die in 1639 stierf), en de uitstekende Zweed-
sche veldheeren Banner, Torstenson en Wrangel, die achter-
eenvolgens het Zweedsche leger aanvoerden, zich onsterfelijken
roem verwierven. Het zou tot te groote uitvoerigheid leiden,
wanneer wij den verderen loop van dezen oorlog, die Duitschland
op eene gruwelijke wijze verwoestte, in zijne bijzonderheden wil-
den nagaan; het is voor een algemeen overzigt voldoende, hier
nog eenige hoofdgebeurtenissen uit dit laatste tijdvak te vermelden.
In het jaar 1627 stierf Keizer Ferdinahd II, en werd, zoo-
wel in zijne Oostenrijksche Staten als op den Keizerstroon van
Duitschland, door zijnen zoon Ferdinand III opgevolgd, die de
staatkunde van zijnen vader, hoewel met minder veerkracht,
voortzette. >