Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-62
stryd duurde daarna nog vele jaren , en eindigde met eene ver-
deeling van het betwiste land.
Intusschen had de meer en meer toenemende vijandige hou-
ding der beide partijen in Duitschland van weêrszijden aanleiding
gegeven tot het sluiten van vereenigingen tot onderlinge bescher-
ming. Zoo kwam in 1608 eene Proleslaulsche Unie, en in het
volgende jaar eene Katholijke Ligue tot stand, zoodat Duilschland
weder openlyk in twee vijandige partijen was verdeeld, en er
slechts eene geringe aanleiding noodig was om het vuur van den
burgeroorlog op nieuw te doen ontbranden. De voornaamste
vorsten aan de zijde der Unie waren de Keurvorsten van de Pai/s (1)
en van Brandenburg; de Landgraaf van Hessen en de hertog
van Wurtemberg: aan de zyde der Ligue was de hoofdpersoon Her-
tog Maximiliaan van Beijeren, een krachtvol, dapper en schran-
der vorst, die weldra de gevaarlijkste vijand der Hervormde par-
tij werd. Bij gelegenheid van den Gulik-Kleefschen successie-
oorlog kwam men van weerskanten onder de wapenen; maar het
kwam nog tot geen dadelijken strijd.
Intusschen was de krachtelooze regering van Keizer Rudolf
niet alleen noodlottig voor het Duitsehe rijk, maar ook het Aarts-
hertogdom Oostenrijk en de Koningryken Bohemen en Hongarije
ondervonden de nadeelige gevolgen van zijn slecht bestuur. Dit
werd eindelyk zoo gevaarlijk voor de belangen van het Habs-
burgsche stamhuis, dat de drie nog levende broeders des Keizers
het besluit namen om den oudsten hunner, den Aartshertog Mat-
thias , tot hoofd van het geslacht te verklaren , terwijl zij Rudolf
noodzaakten hem Oostenrijk en Hongarije af te staan (1608). Bo-
hemen was nu het eenige grondgebied, dat den Keizer was over-
gebleven , en ook hier was hy niet zeker van de trouw zijner
onderdanen, die meerendeels de hervormde leer belijdende, op
gódsdienstvryheid aandrongen, en eindelijk naar de wapenen
grepen om hunne eischen met geweld ingang te doen vinden.
Hierdoor werd Rudolf genoodzaakt den zoogenaamden Majes-
teitsbrief te onderteekenen, waarbij den Protestanten vrije uit-
oefening hunner godsdienst en het bouwen van kerken en scholen
(1) Het grondgebied van dea Keurvorst van de Palts bestond uit twee,
tamelijk ver uit elkander liggende deelen. Het eene de Opper-Palts grens-
de aan Bohemen, en is tegenwoordig eene der oostelijke provineiën van het
Koningrijk Beijeren. Het andere , de Seiler-Palts, ook wel het Paltsgraaf-
schap aan den Itijn genoemd, lag aan de beide oevers van denÄy» ten van
Mainz. Het is tegenwoordig geeu op zieli zelf staand land meer , maar is
verdeeld tusschen Beijeren, Hessen-Darmstad, Baden en Pruissen.