Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-59
keurige wijze werden onderdrukt (bl. 60) partij te trekken. Daar-
bij vormde hij het menschlievende doch onuitvoerbaar plan tot het
stichten van een algemeen Christelijk statenverbond, waarin
godsdienstvrijheid voor allen zou heerschen , en welks leden hun-
ne geschillen zouden doen beslechten door een Raad, waarin
alle natiën vertegenwoordigd zouden zijn, om zoo doende een al-
gemeenen vrede te handhaven.
Een twist, die in het jaar 1609 in Duitschland uitbrak over
het bezit van Gulik en Kleef, gaf hem aanleiding zich in de aan-
gelegenheden van dat rijk te mengen. Reeds was zijn voortref-
felijk uitgerust leger de grenzen genaderd, en een algemeene
oorlog op het punt van uit te barsten, toen hij in Mei 1610 door
een sluipmoordenaar, Frans Ravaillac , te Pari/s werd door-
stoken.
Zijn dood hield het uitbreken van den oorlog tegen , daar het
Fransche hof gedurende de minderjarigheid van zijnen zoon en
opvolger, Lodewijk XIII, eene geheel tegenovergestelde staat-
kunde volgde, en zich met Oostenrijk en Spanje verzoende.
§ 22. Duitschland onder Ferdinand, Maximiliaan II, Ru-
dolf II en Matthias.
Ferdinand I, de opvolger van Karel V op den troon van
Duitschland, regeerde ook in de Oostenrijksche erfstaten (1), die
hem reeds waren afgestaaan toen zijn broeder den keizerlijken
zetel beklommen had (bl. 20). Hy was bovendien tot Koning
verkozen in Bohemen en in Hongarije , voor welk laatste rijk hij
evenwel, na de nadeelige oorlogen, die hij met den Turkschen
Sultan SoLiM.^N had gevoerd, eene jaarlijksche schatting moest
betalen (bl. 34). Zijne regering (1.556—1564) was rustig en wel-
dadig voor Duitschland-, de godsdienstvrede bleef ongeschonden,
daar de Keizer hoezeer voor zyn persoon gehecht aan de Katho-
lyke leer, waarin hij was opgevoed, de meest verdraagzame be-
grippen koesterde omtrent andersdenkenden.
Ditzelfde was eveneens het geval met zijnen voortreffelyken
zoon Maximiliaan II, die hem in 156-4 als Keizer van Di«j<sc///a/i(Z
en tevens in Oostenrijk, Bohemen en Hongarije opvolgde. Ook deze
bevestigde de godsdienstvryheid, en toonde zich door zijn wys,
gematigd en krachtig bestuur, een der uitstekendste vorsten
van zijne eeuw. Zijne regering was, even als die van zynen va-
der, een tijdvak van verademing voor Duitschland, dat echter
(1) OosfenrijJc , Tyrol, StiermarTcen, Karinthië cn Krain.