Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-207
Napoleon scheen te willen toegeven , zond deze, die de verove-
ring van Portugal reeds besloten had, een leger derwaarts, waar-
op de Prins-regent, die het niet waagde, zich te verzetten, zich
met zijn gezin en zijne schatten inscheepte, en naar Brazilië
vlugtte (Nov. 1807). Het Huis van Braganza werd nu door Na-
poleon van den troon vervallen verklaard.
De onderneming tegen Portugal, waartoe het Fransche leger
over het Spaansche grondgebied had moeten trekken, was ge-
makkelijk gemaakt door den ellendigen toestand, waarin zich de
regering van Spanje bevond. De zwakke Koning Kauel IV had
sedert het jaar 1792 het bestuur geheel en al in handen gegeven
van den verachtelijken en baatzuchtigen minister Don Emanuel
de Godoy , die met den Franschen Keizer heulde, en zelfs (Oct-
1807) een geheim verdrag had aangegaan, waarbij tot de ver-
deeling van Portugal besloten werd. Het noordelijk gedeelte zou
onder den naam van het Koningrijk Lusilauië gegeven worden aan
den Koning van Elrurië (het vroegere Toscane (bl. 219) wiens
koningrijk nu reeds terstond bij Frankrijk werd ingelijfd. De
twee zuidelijke provinciën waren tot een Vorstendom voor Godoy
bestemd, terwijl Napoleon zich de beschikking over het overige
voorbehield. Inmiddels begonnen de bedoelingen van Napoleon,
die het ook op den val der Spaansche monarchij gemunt had, meer
en meer duidelijk te worden. Eene gevaarlijke gisting openbaarde
zich onder het Spaansche volk, dat zijne onafhankelijkheid niet
verliezen wilde; verscheidene aanzienlijken , verontwaardigd over
het slechte bestuur van üodoy , wisten den Kroonprins Ferdi-
nand over te halen, bij den Koning aan te dringen op het ont-
slag van den algemeen gehaten gunsteling. Hierdoor ontstond
eene hevige verdeeldheid tusschen den Prins en zynen vader, die
zijne toestemming tot de verwydering van Godoy weigerde te ge-
ven. Kort daarna eischte Napoleon , dat de Spaansche provinciën
tusschen de Pijrcneën en den Ebro aan Frankrijk zouden worden
afgestaan , waarvoor Spanje het koningrijk Portugal zou verkrijgen
(Febr. 1808). De lafhartige Karel IV onderwierp zich aan dien
eisch; doch toen een Fransch leger, onder Murat de grenzen
overgetrokken was en met langzame marschen tegen Madrid oprukte,
kwam het volk in opsland, en dwong den Koning afstand te doen
van den troon ten behoeve van zynen zoon, die nu -als Ferdi-
nand VII de regering aanvaardde, en zijne waardigheid weigerde
neder te leggen toen zijn vader twee dagen later zynen afstand
herriep. Tegelijkertijd trok Murat Sladrid met zijne troepen bin-
nen, en weigerde Ferdinand als koning te erkennen. In plaats