Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-177
hield zich tot het begin der 18de eeuw met moeite staande, en
vereenigde zich toen met eene andere dergelijke maatschappij , on-
der den naam van Verecniijde Compagnie van Engelsche hooplieden
handelende op Oost-Indië, die zich binnen anderhalve eeuw tot eene
magt en aanzien verhief, waarmede geen ander handelsligchaam
kan vergeleken worden. In de eerste helft der 18de eeuw breidde
zij haar landbezit in Azië weinig uit, doch in de tweede helft
legde zij , door veroveringen en door partij te trekken van de on-
eenigheden tusschen de inlandsche vorsten , den grondslag tot een
uitgebreid rijk in Voor-Indic. De verschillende oorlogen tusschen
de Engelschen en Franschen deden zich ook in de koloniën gevoe-
len ; doch de eersten waren daarbij geheel in het voordeel. Ten
tijde van het uitbreken der Fransche omwenteling, bezaten zij
uitge.strekle [bezittingen langs de kusten van Voor-Indië, waarvan
Calcutta, Madras en Bombay de hoofdsteden waren. Op de eilan-
den van den Oost-Indischen Archipel hadden zij alleen Benkoelen
op Sumatra bezet.
De overige volkplantingen van Engeland waren : in Amerika de
landstreken in het noorden, die hun na den vrede van Versailles
(bl. 163) overgebleven waren, en waarvan Kanada het voornaam-
ste was: Jamaica en verscheidene der Kleine Antillen; in Afrika
eenige forten op de kust van Guinea, en in Australië eene kolonie
aan de Botany-baai, die in 1788 was gesticht. De kennis van
den aardbol, en vooral van de eilanden in de Groote Zuid-Zee,
werd in het laatst der 18de eeuw aanmerkelijk bevorderd door
drie togten, welke de beroemde reiziger Cook rondom de wereld
maakte (1768—1780).
Frankrijk, hetwelk in het eerste gedeelte van dit tijdvak on-
derscheidene koloniën in Noord-Amerika had aangelegd, verloor
ze nagenoeg alle in den oorlog, dien het van 1754 tot 1763 met
Engeland te voeren had (hl. 159). In West-Indië bezat het de eilan-
den Martinique en Guadeloupe en de westelijke helft van St. Do-
mingo of Haiti, waarvan de oostelijke helft in het bezit üer Span-
jaarden was. In Oost-Indië had het niet veel meer dan Pondichery
op de oostkust van Voor-Indië overgehouden. Wijders bezat het
nog eenige koloniën in Afrika, van welke de eilanden Bourbon
en Isle de Trance de voornaamste waren.
De koloniën der Spanjaarden hadden weinig verandering onder-
gaan. In Amerika waren zij vermeerderd met Florida en Louisiana,
die bij de vredesverdragen van Parijs (1763) en van Versailles (1783)
waren afgestaan (bl. 163).
De Portugeesche koloniën ondergingen in dit tijdperk weinig
II. 12