Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-172
na aan zijnen broeder Leopold II, die nog in datzelfde jaar ook
lot Keizer van Duitschland verkozen werd. Deze maakte van de
inwendige verdeeldheid der Belgen gebruik, en toen zijn verzoe-
nend voorstel, om de vroegere voorregten en staatsregeling te
herstellen, niet aangenomen werd, versterkte hij zijn leger aan-
zienlijk , en nog vóór het einde van 1790 waren zijne troepen
overal meester, en was het Oostenrijksche bestuur in de Zuide-
lijke Nederlanden hersteld, waar nu alles op den ouden voel werd
teruggebragt.
§ 25. De Vereenigde Nederlanden, van den vrede van
Aken tot aan de Fransche omwenteling.
De Republiek der Vereenigde Nederlanden nam in de laatste
helft der achttiende eeuw in stoffelijke welvaart zeer toe, maar
daarentegen werd zij door inwendige verdeeldheid meer en meer
verzwakt, en had zij hare vroegere staatkundige beteekenis met
betrekking tot de overige Europeesche mogendheden nagenoeg
geheel en al verloren. De gebrekkige regeringsvorm, de steeds
toenemende invloed van de in Frankrijk heerschende begrippen,
de flaauwheid en zorgeloosheid van het bestuur en het toe-
nemende zedebederf, waardoor met de voorvaderlijke eenvoudig-
heid ook de veerkracht der natie verloren ging, waren zoovele
oorzaken van verval en achteruitgang in den eens zoo magtigen
staat.
Prins Willem IV (bl. 157) stierf weinige jaren na zijne ver-
heffing tot de stadhouderlijke waardigheid (1751), en gedurende
de minderjarigheid van zijnen zoon (1751—1766), die hem als
Willem V was opgevolgd, werd de toestand der Republiek steeds
bedenkelyker. De invloed van Frankrijk was oorzaak, dat zij in
den Zevenjarigen Oorlog (bl. 159) onzydig bleef, en door hare
krachtelooze houding meer en meer in minachting kwam.
Willem V, die in 1760 zelf het bewind aanvaardde, was, in
weerwil van zijne goede hoedanigheden als mensch, niet schran-
der en vastberaden genoeg om te midden der algemeene gisting
en ontevredenheid, met kracht op te treden; zijne zucht om alle
partijen tot vriend te houden , en de halve maatregelen, welke
hij dien ten gevolge nam, werkten hoegenaamd niets ten goede
uil. De ingenomenheid met Frankrijk en met de begrippen van
vrijheid en volkssouvereiniteit, welke daar te lande werden ver-
kondigd, werd door den sluwen Franschen gezant L.vVauouyon