Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-169
In laatstgenoemd rijk was Koning Adolf Fhf.derik (bl. 159)
in 1771 gestorven, en opgevolgd door zijnen bekwamen en moe-
digen zoon Gustaaf III. Deze besloot terstond na zijne troons-
beklimming, een ejnde te maken aan het overheerschend gezag
van den Rijksraad, die eigenlijk alles in Zweden bestuurde, den
Koning naauwelijks eene schaduw van gezag overliet, slechts op
eigen grootheid bedacht was, en zoo als wij vroeger gezien heb-
ben , meermalen het welzijn van het vaderland aan zijne baat-
zucht opofferde. Daar Gustaaf III zich door welwillendheid en
vriendelijkheid zeer bemind had weten te maken bij de burgerij,
gelukte het hem in 1772, met behulp van een gedeelte van het
leger, dät hem toegedaan was, eene omwenteling tot stand te
brengen, de uitgebreide magt van den Rijksraad te vernietigen,
en eene nieuwe staatsregeling in te voeren, waarbij bet konink-
lijk gezag slechts weinig beperkt werd. Hoezeer dit laatste eigen-
lijk zijn hoofddoel geweest was, juichte het volk, dat het druk-
kend bestuur van den aristocratischen Rijksdag sedert lang moe-
de was geweest, deze daad des Konings met geestdrift toe; den
adel daarentegen, thans van zijne magt beroofd, maakte hij zich
daardoor tot een onverzoenlijken vijand.
Nadat Gustaaf III daarop, in de eerste jaren zijner regering,
veel gedaan had om de binnenlandsche welvaart te vermeerde-
ren , vattg hij het plan op om aan Zweden den rang terug te ge-
ven , dien het vroeger onder de Europeesche mogendheden had
bekleed, en waarvan het door Peter den Groote was beroofd.
Hij besloot daartoe gebruik te maken van den krijg, die tusschen
Kiisland en Turkije was uitgebroken, en begon een oorlog met
Katharina II, met het doel om de Oostzee-provinciën, welke
vroeger tot Zweden behoord hadden, te heroveren (1788).
Hij slaagde hierin evenwel niet; twee jaren duurde de kryg,
en hoezeer hij dien met grooten heldenmoed voerde, was hij
legen het magtige Rusland niet bestand, en moest, in 1790, vrede
sluiten , waarbij de grenzen tusschen de beide rijken dezelfde ble-
ven als zij vóór het uitbreken der vijandelijkheden geweest waren.
§ 24. Regering van Keizer Jozef II. Opstand in de Oos-
tenrijksche Nederlanden.
In het jaar 1765 was Frans I, de gemaal van Maria There-
sia , gestorven, en als Keizer van Duilschland opgevolgd door zijnen
oudsten zoon Jozef II. Deze werd tegelijkertijd door zijne moeder
lot mede-regent in de Oostenrijksche staten benoemd, doch ver-