Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-152
Oostenrijksche landen gewijzigd, en Maria Theresia tot zijne
opvolgster benoemd werd. De Staten of Stenden van die landen na-
men met deze schikking genoegen , en ook de beide dochters van
den vorigen Keizer, Jozef I, waarvan de oudste met den Keur-
prins van Saksen, en de jongste met den Keurvorst van Beijeren
gehuwd was, keurden haar insgelijks goed. Hij stelde nu aan-
houdende pogingen in het werk, om de overige mogendheden
van Europa te bewegen, zijne dochter na zijnen dood als zijne
regtmatige erfgename in de landen van het Oostenrijksch-Habs-
burgsche huis te erkennen, en de Pragmatieke Sanctie niet alleen
goed te keuren , maar ook te waarborgen, dat wil zeggf n , zich
te verbinden om Maria Theresia des noods met de wapenen,
in het handhaven daarvan te ondersteunen. Hij hoopte, dit alleen
door onderhandelingen en verdragen te zullen verkrijgen, en was
onvoorzigtig genoeg, niet in te zien, dat het de beste waarborg
zou zijn, wanneer hij aan zyne dochter een krachtig leger en
eene goed gevulde schatkist naliet.
Ten gevolge van zijn wensch tot het verkrijgen van de erken-
ning der Pragmatieke Sanctie, was Karel VI genoodzaakt, toe te
geven in onderscheidene geschilpunten, welke in die jaren in Eu-
ropa aanleiding tot onderhandeling gaven. Zoo verwierf hij, bijv.
die erkenning van de Vereenigde Nederlanden en van Engeland,
door in 1731 eene Oost- en Westindische maatschappij op te hef-
fen , welke hij in 1722 te Ostende had opgerigt, en waarvan de
genoemde zeemogendheden groot nadeel voor haar eigen handel
vreesden. Zoo wilde ook Spanje niet in de erfopvolging van ma-
ria Theresia bewilligen, dan nadat de Keizer zijne toestemming
had gegeven, dat Don Carlos in de Italiaansche Hertogdommen
zou opvolgen (bl. 150), die door hem nog altijd als leenen van
het Duitsche rijk werden aangemerkt (1).
De vrede van Europa was herhaaldelijk op het punt van ver-
broken te worden , maar bleef vooral bewaard door de ijverige be-
moeijingen van den Kardinaal Fleury , den eersten minister van
Lodewijk XV, en van Robert Walpole, den eersten minister
van George II van Engeland, die in 1727 zynen vader George I
was opgevolgd. Beide deden al het mogelijke , om het telkens drei-
gende oorlogsgevaar af te wenden, en slaagden hierin tot het
(1) Parma en Piacenza liadden vroeger tot Milaan behoord, dat een leen
was van het Duitsehe rijk. Zij waren in 1521 in den eersten oorlog tussehen
Kabel V en Frans I aan den Kerkelijken staat gekomen, en in 1515 door
den Paus als een afzonderlijk Hertogdom aan het Huis van Farnese gege-
ven (bl. 100).