Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-114
die een uitmuntend veldheer was, en aan het hoofd stond van
een voortreffelijk leger, rukte onmiddellijk met snelle dagmar-
schen uit Polen op, overviel de Denen, maakte zich meester van
geheel Jutland, en trok in Februarij 1658 over den toegevroren
Bell naar Fnnen, veroverde dit en verscheidene andere Deensche
eilanden, en dwong daardoor Frederik III tot een nadeeligen
vrede.
Weldra echter verbrak hij dien weder op de onregtvaardigste
wijze, daar hij meende zich weder gemakkelijk van Denemar-
ken te zullen kunnen meester maken, en dan door de vereeni-
ging der drie Noordsche rijken zijne heerschzuchtige oogmer-
ken te volvoeren. Dit werd hem evenwel belet, zoowel door
den moed, waarmede Frederik III zyn rijk verdedigde, als
door de krachtige hulp, die de Nederlandsche vloot onder iMi-
chiel de Ruyter den Denen verleende (1659j. In het volgen-
de jaar stierf Karel Gustaaf onverwacht, hetgeen het sluiten
van den vrede bevorderde, die kort daarop tusschen Zweden en
Denemarken en tusschen Zweden en Polen tot stand kwam (1660).
Bij dezen laatsten vrede deed de Poolsche Koning afstand van
alle regten op den Zweedschen troon, en daarmede eindigde de
Zweedsch-Poolsche successie-oorlog, die in 1600 begonnen was
(bl. 72). Karel X Gustaaf werd door zijnen minderjarigen
zoon Kaeel XI opgevolgd.
Het grootste voordeel had Frederik Willem, de Groole Keur-
vorst van Brandenburg, van al deze verwikkelingen getrokken.
Toen Karel Gustaaf in 1656 tegen Polen optrok, vereenigde
de Keurvorst zich met de Zweden, op voorwaarde, dat deze hem
zouden helpen om tot het onafhankelijk bezit te geraken van het
Hertogdom Pruissen, hetwelk hij als een leen van Polen regeer-
de , en toen hij een jaar later, vreezende dat de magt der Zwe-
den te veel zou toenemen, weder de zijde van den Koning van
Polen koos, verkreeg deze zijn bondgenootschap slechts op dezelf-
de voorwaarde. Bij den vrede van 1660 werd dan ook de on-
afhankelijkheid van Pruissen door Polen bevestigd.
In Denemarken had de oorlog eene gewigtige verandering in
het bestuur ten gevolge, daar het volk uit dankbaarheid voor de
groote diensten, door Frederik III aan het vaderland bewezen,
hem niet alleen een onbeperkt gezag verleende, maar ook de
koninklijke waardigheid erfelijk maakte in zijn geslacht, terwijl
Denemarken tot dien tijd toe een kiesrijk was geweest.