Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Auteur: Mulder, Lodewijk
Uitgave: Arnhem: D.A. Thieme, 1863
2e dr
Opmerking: Tweede deel: Nieuwe geschiedenis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-698
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201485
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de kennis der vaderlandsche geschiedenis, ten dienste van hen, die zich tot de lessen bij de Koninklijke Militaire Akademie wenschen voor te bereiden
Vorige scan Volgende scanScanned page
-108
de S})at>jaarden verbonden, en werd, daar hij den oorlog tegen
zijn vaderland bleef voeren, van al zijne waardigheden vervallen
verklaard.
De oorlog met Spanje werd na het eindigen van de binnen-
landsche tweedragt met kracht voortgezet. De twee grootste veld-
heeren van die dagen stonden in dien strijd tegen elkander over:
Condé ^ie de Sjmnjaarden aanvoerde, en de Burggraaf raw Tu-
renne, een niet minder groot krijgskundige, die aan het hoofd
van het Fransche leger stond; beide hadden reeds in de laatste
jaren van den Dertigjarigen Oorlog grooten roem verworven.
Tot in 1659 duurde de oorlog, die door Tueenne over het
algemeen met goed gevolg gevoerd werd, en in dat jaar met den
vrede der Pyreneën eindigde, waarbij Frankrijk geheel in het
voordeel bleef, en, onder andere, verscheidene steden van de
Spaansche Nederlanden verkreeg, zoodat de grenzen van het rijk
noordwaarts werden uitgebreid. Aan Condé werden zijne waar-
digheden teruggegeven, en tegelijkertijd werd Karel IV, Her-
tog van Lotharingen, wiens land in het jaar 1634 door de Fran-
schen was bezet (bl. 85), in zijn Hertogdom hersteld.
De gewigtigste bepaling van den Pyreneeschen vrede was, dat
Lodewijk XIV in het huwelijk zou treden met Maria Theresia,
de oudste dochter van Philips IV, die geen zoon had, zoodat
zij bij het overlijden van haren vader, de erfgename zou zijn van
de Spaansche kroon. (1) Daar echter eene zoodanige vereeniging
van Frankrijk en Spanje voor de onafhankelijkheid van laatstgenoemd
rijk hoogst nadeelig zou zijn, werd bepaald dat Lodewijk XIV
en Maria Theresia, zoowel voor zich als voor hunne nakome-
lingen , afstand zouden doen van alle regten op de erfopvolging in
de landen en rijken der Spaansche kroon. Mazarin zag hierdoor,
wel is waar, schijnbaar zijn doel verijdeld, om met den tijd de
heerschappij over Spanje aan het Fransche koningshuis te bren-
gen , doch hij voorzag, dat Frankrijk bij het uitsterven van de
mannelijke linie van het Spaansche huis wel een voorwendsel
zou weten te vinden om zich in het bezit van de rijke nalaten-
schap te stellen. Zoo als w'y later zien zullen, had de sluwe
staatsman hierin zeer juist geoordeeld.
In Maart 1661 stierf Mazarin, die tot aan zijnen dood de
regeringszaken als eerste minister had geleid. Hij liet Frankrijk
na als de magtigste mogendheid van Europa, in binnenland-
sche rust, en in vrede met het buitenland. Het werk, door Ri-
(!) Twee jaren later (1651) werd Philips IV een zoon geboren.