Boekgegevens
Titel: Burgheim onder zijne kinderen; of Nieuwe zamenspraken en vertellingen, voor kinderen van acht tot veertien jaren, over de natuur en het menschelijk leven
Auteur: Mundt, G.W.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp en van de Grampel, 1823
4de, aanmerkelijk verb. dr
Opmerking: Vert. van: Burgheim unter seinen Kindern. - 1798-1801
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-722
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201481
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Burgheim onder zijne kinderen; of Nieuwe zamenspraken en vertellingen, voor kinderen van acht tot veertien jaren, over de natuur en het menschelijk leven
Vorige scan Volgende scanScanned page
54 de gevangen vOGEr,.
te zeer toenemen; doch hen ganfchelijk van de
aarde te verdelgen, is dwaas en onregtvaardig.
Op een eiland in West-Indië roeide men eens de
kraaijen geheel uit, wijl men zich verbeeldde,
dat zij het fuikerriet befchadigden; doch fpoedig
namen de meikevers zoodanig de overhand, dac
zij al de planten verdelgden , en men genood-
zaakt was de kraaijen met fchepen weder in te
voeren. Gij weet, dat de kraaijen achter den
ploeg gaan , om de basten van de meikevers, de
engerlingen , (lange , witte msaijen met zwarte
koppen) te verteren. Zoo dit geene plaats had-
de, zouden de laatfte te zeer vermenigvuldigen;
want na vier jaren komen zij weder, als meike-
vers , voor den djg.
Mientje. Wij vonden eens, op den groenen
heuvel, in het zand een roodborstje met gebro-
ken pootjes; zie , dat is gruwelijk !
Domink. Ja , dat is het wel, dat is het wcl!
Wij mogen de beesten tot ons nut gebruiken ,
maar hen niet kwellen : de Vader daar boven gaf
hun en ons het leven , opk zij moeten zich dan
over hun leven verheugen. Wie geeft ons het
regt, hen nutteloos van hetzelve te berooven ?
Van waar is ons dö magt gegeven, om met het
Ic-